Inmiddels is in de gemeentelijke wereld redelijk bekend dat actieve grondexploitaties (BIE, bouwgronden in exploitatie) een belastingplichtige activiteit kunnen vormen voor de vennootschapsbelasting. Uiteraard dient het wel te gaan om grondexploitaties waar een gezamenlijk overschot wordt verwacht.
Minder bekend is dat ook de verkoop van andere grondposities die niet als actieve grondexploitatie in de zin van het BBV zijn aangemerkt in beeld kunnen komen voor de vennootschapsbelasting. Dit punt verdient zeker aandacht in de situatie waarbij naast de aanwezigheid van een belast grondbedrijf sprake is van verkopen van andere gronden. De andere gronden zijn weliswaar voor het BBV niet geoormerkt als actieve grondexploitatie, maar zij kunnen door verwevenheid met het actieve grondbedrijf (zoals organisatorisch, financieel, ruimtelijk) alsnog de belaste sfeer worden ingetrokken. Ook andere elementen kunnen ervoor zorgen dat de verkoop van dergelijke gronden mogelijk wordt geraakt door de vennootschapsbelasting. Voorbeelden van andere elementen zijn:
- Het initiatief tot verkoop door de gemeente of een andere partij;
- Het aantal gemaakte (interne) uren bij het project;
- Wordt externe expertise ingehuurd/ingezet om verkoopopbrengst te optimaliseren.
Zelfs als geen sprake is van de aanwezigheid van een actief grondbedrijf kunnen de hiervoor beschreven elementen leiden tot belastingplicht. In de wet op de vennootschapsbelasting is niet als voorwaarde voor belastingplicht opgenomen dat het moet gaan om een actief grondbedrijf, maar dat sprake moet zijn van een (materiële) onderneming. Deze potentiële belastingplicht kan overigens ook ontstaan bij grondbanken waar sprake is van bewerkingen. Ook hier is de BBV-kwalificatie niet leidend voor de vennootschapsbelasting.
In tegenstelling tot actieve grondexploitaties waarvan het saldo jaarlijks wordt geactualiseerd, kunnen dergelijke gronden niet worden meegenomen in de (post) Quickscan om te beoordelen of een overschot wordt behaald. Op papier kan dit namelijk al snel het geval zijn, omdat de BBV-boekwaarde veelal een stuk lager is dan de verwachte verkoopopbrengst. De boekwinst hoeft overigens niet gelijk te zijn aan de fiscale winst; deze zal veelal lager zijn.
Kortom besteed in het fiscale dossier ook aandacht aan andere grondverkopen zeker als dit regelmatig voorkomt en substantiëlere opbrengsten worden behaald.
Meer informatie?
Vragen over dit onderwerp? Neem dan gerust contact op met jouw EFK-adviseur, ons secretariaat op 072-5350525 of e-mail ons via info@efkbelastingadviseurs.nl.

