Wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties

In de vorige nieuwsbrief is vermeld dat de Wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties per 1 april 2016 in werking zou treden. Met gepaste voorzichtigheid melden wij thans dat de Wet per 1 mei 2016 in werking zal treden. Ook het transitieplan is aangepast in de zin dat de implementatiefase is verlengd en zal gelden van 1 mei 2016 tot 1 mei 2017. Dit betekent niet dat wij nu achterover kunnen leunen.

Na twee keer de stemming te hebben uitgesteld heeft de Eerste Kamer op 2 februari 2016 eindelijk gestemd over het wetsvoorstel Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties. Het wetsvoorstel is aangenomen en zal per 1 mei aanstaande in werking treden. Hiermee komt een eind aan de VAR verklaringen en daarmee ook aan de eenzijdige vrijwaring voor de opdrachtgevers. Vanaf 1 mei 2016 dient het ontbreken van een werkgever-werknemersrelatie te worden beoordeeld op basis van de inhoud en de uitvoering van (model)overeenkomsten en loopt ook de opdrachtgever het risico geconfronteerd te worden met naheffingsaanslagen loonheffingen. Tevens komt per 1 mei 2016 de fictieve dienstbetrekking van de commissaris te vervallen.

Met een vertraging van vier maanden treedt per 1 mei 2016 dan eindelijk de Wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties (hierna: Wet DBA) in werking. Een kleine wet met grote gevolgen.  Op basis van de artikelen I en II vervallen de afdeling 3.15 Wet Inkomstenbelasting 2011 respectievelijk artikel 5a eerste lid onderdeel a van de Wet op de loonbelasting 1964. Hierdoor komt er een eind aan de in die artikelen geregelde VAR verklaringen. Het door de Belastingdienst aangedragen alternatief, namelijk het vastleggen van de arbeidsrelatie in (model)overeenkomsten, is niet wettelijk geregeld.

Tot 1 mei 2016 loopt een opdrachtgever die met een opdrachtnemer een overeenkomst is aangegaan niet het risico om achteraf als werkgever te worden aangemerkt als de opdrachtnemer voor aanvang van de werkzaamheden aan de opdrachtgever een geldige VAR verklaring winst uit onderneming (wuo) dan wel een geldige VAR verklaring werkzaamheden verricht door aanmerkelijk belanghouder voor rekening en risico van een onderneming (dga) overlegt. Het risico op naheffingen loonheffingen ligt vrijwel uitsluitend bij de opdrachtnemer.  Het feit dat dit een eenzijdige vrijwaring betreft, is de Belastingdienst een doorn in het oog. Met het vervallen van de VAR verklaringen en de daaraan gekoppelde introductie van (model)overeenkomsten wordt het risico tot naheffing loonheffingen zowel bij de opdrachtgever als bij de opdrachtnemer gelegd.

Vrijwaring onder de Wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties

Het vervallen van de VAR verklaringen betekent niet dat geen sprake meer is van een vrijwaring voor de opdrachtgever en/of de opdrachtnemer. Indien en voor zover de overeenkomst zowel inhoudelijk als in de feitelijke uitvoering aansluit bij een door de Belastingdienst beoordeelde (model)overeenkomst, zal geen sprake zijn van een (fictieve) dienstbetrekking en kan inhouding van loonheffingen achterwege blijven. De (model)overeenkomsten zijn gepubliceerd op de website van de Belastingdienst.

Om de overgang van de VAR verklaringen naar de (model)overeenkomsten zo soepel mogelijk te laten verlopen heeft de staatssecretaris van Financiën in november 2015 een transitieplan opgesteld. Dit plan loopt van 1 januari 2016 tot 1 januari 2017. Inmiddels heeft de staatssecretaris van Financiën toegezegd de in het plan genoemde implementatiefase te verlengen en te verschuiven van 1 april 2016 tot 1 januari 2017 naar 1 mei 2016 tot 1 mei 2017. Tijdens de implementatiefase kunnen de opdrachtgevers en opdrachtnemers de vóór 1 mei 2016 gesloten overeenkomsten voorleggen aan de Belastingdienst of deze zowel inhoudelijk als in de uitvoering aanpassen aan de (model)overeenkomsten. In die gevallen neemt de Belastingdienst gedurende de implentatiefase geen repressieve handhavingsmaatregelen. Dit zal bijvoorbeeld anders zijn als ondanks  een geldige VAR verklaring ook vóór 1 mei 2016 feitelijk al sprake is van een (fictief) dienstverband of indien de Belastingdienst al eerder schriftelijk kenbaar heeft gemaakt dat sprake is van een (fictief) dienstverband en partijen geen wijzigingen hebben aangebracht. De Wet DBA heeft geen terugwerkende kracht, zodat naheffingen over de periode vóór 1 mei 2016 niet aan de orde zullen zijn.

Gevolgen onjuiste uitvoering (model)overeenkomsten

De (model)overeenkomsten hebben een looptijd van vijf jaar, wetswijzigingen en jurisprudentie voorbehouden. Indien de overeenkomst inhoudelijk in lijn is met de (model)overeenkomsten en feitelijk conform de (model)overeenkomst wordt uitgevoerd, geldt dus ook hier een vrijwaring.

In het geval geen gebruik wordt gemaakt van de (model)overeenkomst, dan wel niet wordt gehandeld conform een dergelijke overeenkomst, dient uiteraard altijd eerst te worden beoordeeld of feitelijk sprake is van een (fictief) dienstverband. Slechts in de gevallen dat sprake is van een (fictief) dienstverband kan de Belastingdienst naheffingsaanslagen loonheffingen opleggen. Vanaf 1 mei 2016 kan dit zowel bij de opdrachtgever als bij de opdrachtnemer plaatsvinden. Wij zijn graag bereid de thans gehanteerde overeenkomsten tot opdracht die ook na 1 mei 2016 nog van toepassing zijn te toetsen en in overleg met u desgewenst aan te passen.

Wat betekent dit voor de praktijk

De met derden gesloten overeenkomsten waarvoor een geldige VAR-verklaring is afgegeven, dienen vóór 1 mei 2016 te worden beoordeeld.

Als op basis van de feiten en omstandigheden de overeenkomst in de praktijk eigenlijk een arbeidsovereenkomst is, zal de overeenkomst en de feitelijke uitvoering daarvan dienen te worden aangepast als partijen geen dienstbetrekking wensen. Wordt de overeenkomst niet aangepast, dan kwalificeert de opdrachtnemer als werknemer en zal dient hij opgenomen worden in de salarisadministratie. Dit geldt uiteraard alleen indien en voor zover de overeenkomst ook ná 1 mei 2016 nog van kracht is. De Wet DBA kent immers geen terugwerkende kracht.

Wilt u meer weten over de Wet DBA, neemt u dan contact op met Ton van der Fits, of ons secretariaat via 072-5350525 of per e-mail aan info@efkbelastingadviseurs.nl.