Verricht u in 2023 nog wel een economische activiteit?

Verricht u in 2023 nog wel een economische activiteit?

Tijdens onze btw cursussen wordt uitgebreid ingegaan op de vraag of een gemeente al dan niet als ondernemer handelt en in welke gevallen sprake is van handelen als overheid. Een tweetal recent gepubliceerde conclusies van de Advocaat-Generaal van het Europese Hof van Justitie roept de vraag op of een gemeente niet vaker als niet-ondernemer handelt.

De levering van goederen en het verrichten van diensten in Nederland door een als zodanig handelende ondernemer onder bezwarende titel zijn belast met btw. Een gemeente is belastingplichtig voor de btw als zij een economische activiteit verricht, ongeacht het oogmerk of het resultaat van de activiteit. Onder economische activiteit wordt onder andere verstaan alle werkzaamheden van een fabrikant, handelaar of dienstverrichter.

Een gemeente wordt niet als belastingplichtige aangemerkt voor werkzaamheden of handelingen die als overheid worden verricht. Uit de systematiek van de btw-richtlijn volgt dat aan deze uitsluiting pas wordt toegekomen als vaststaat dat de gemeente een economische activiteit verricht. Met andere woorden als een gemeente geen economische activiteit (ook wel niet-ondernemer) verricht kom je niet toe aan de beoordeling of de gemeente in het kader van het specifiek juridisch regime oftewel als overheid handelt. Zowel in het geval een gemeente handelt als overheid als in het geval een gemeente handelt als niet-ondernemer, geldt als hoofdregel dat de gemeente de btw op de kosten kan compenseren.

Wat zegt de Advocaat-Generaal van het Europese Hof van Justitie (hierna: AG) over de uitleg van het begrip economische activiteit?
De AG geeft aan dat bij het beoordelen van de vraag of sprake is van een economische activiteit alle omstandigheden moeten worden onderzocht. De AG wijst er op dat in de wet een aantal typische beroepsprofielen worden genoemd (fabrikant, handelaar, dienstverrichter, winning van delfstoffen, landbouw en de uitoefening van vrije of daarmee gelijkgestelde beroepen) waarmee de contouren van het begrip economische activiteit en daarmee de Belastingplicht worden afgebakend. Volgens de AG kan het begrip economische activiteit worden uitgelegd door een specifieke activiteit te vergelijken met de wijze waarop een typische belastingplichtige zou handelen, uitgaande van de publieke perceptie.

De Advocaat-Generaal geeft een aantal voorbeelden van factoren die bij deze beoordeling een rol spelen. Denk hierbij onder andere aan:

  • De hoogte van de vergoeding;
  • Inzet van eigen personeel;
  • Is er sprake van een eigen activiteit?
  • Wordt actief op zoek gegaan naar klanten?
  • Wordt de aannemer/uitvoerder via een openbare aanbestedingsprocedure geselecteerd?
  • Worden de organisatiekosten plus een winstmarge gedekt?
  • Is sprake van ondernemersinitiatief en is er kans op het maken van winst?
  • Zou een typische belastingplichtige zijn onderneming zo organiseren?
  • Is de reden van het uitvoeren van de werkzaamheden economisch van aard?
  • Is het doel van de activiteiten het genereren van inkomsten?
  • Wordt in het algemeen belang gehandeld?
  • Worden prestaties op een markt verricht?

Uiteindelijk kijkt de AG of een typische belastingplichtige (fabrikant, handelaar, dienstverrichter etc.) op een vergelijkbare wijze zou handelen. Als de conclusie is dat dit niet zo is, dan is volgens de AG geen sprake van een economische activiteit en wordt als niet-ondernemer gehandeld. De tweetal uitspraken van de AG kunt u via deze link <klik hier> en de volgende link <klik hier> nalezen.

Belang gemeenten

De uitleg die de AG geeft aan het begrip economische activiteit wijkt enigszins af van de uitleg zoals die doorgaans wordt gehanteerd. De vraag is dan ook of het Europese Hof van Justitie de zienswijze gaat overnemen. Het is in ieder geval goed te onderkennen dat het btw-begrippenkader en de uitleg hiervan nog steeds in beweging is. Als de uitleg van de AG wordt gevolgd, dan zal dit kunnen betekenen dat gemeenten in veel meer gevallen als niet-ondernemer handelen. Voor het recht op compensatie maakt dit in beginsel niks uit omdat het Btw-compensatiefonds zowel ziet op de situatie waarin sprake is van handelen als overheid als op handelen als niet-ondernemer. De uitleg van de AG kan ook van invloed zijn op gevallen waarin momenteel als btw-ondernemer wordt gehandeld. Uitgaande van een beperktere uitleg van het begrip economische activiteit kan ook hier een verschuiving plaatsvinden van handelen als ondernemer naar handelen als niet-ondernemer. Het jaar 2023 belooft vanuit btw-oogpunt een spannend jaar te worden.

Hebt u nog vragen en/ of opmerkingen, neem dan contact op met Patrick Donders of ons secretariaat via 072-5350525 of stuur een mailbericht naar info@efkbelastingadviseurs.nl