Praktijkvraag: Wat moeten wij doen met de Vennootschapsbelasting in de jaarrekening 2016?

Praktijkvraag: Wat moeten wij doen met de Vennootschapsbelasting in de jaarrekening 2016?

Tijdens de kennissessies Vennootschapsbelasting die wij verspreid over het land organiseren, is dit een vaak gestelde en logische vraag.

Antwoord: De vraag kent in het algemeen zijn oorsprong in de uitvraag van de accountant naar het dossier Vennootschapsbelasting. Een logische uitvraag omdat een oordeel moet worden gegeven over de positie van de gemeente en de mogelijke risico’s. De accountant moet uit de voeten kunnen met een notitie met daarin opgenomen de volgende onderwerpen:

1. Een korte toelichting op de belastingplicht Vennootschapsbelasting per 1 januari 2016.
2. Een opsomming van de activiteiten die als mogelijk belastingplichtig worden geïdentificeerd.
3. Een bijlage met de gerealiseerde BBV resultaten van de activiteiten, waarbij per cluster is aangegeven of sprake is van een onderneming in fiscale zin. Dit is een herhaling van de inventarisatie zoals die in een eerder stadium is gedaan, maar dan uitgevoerd met de (voorlopige) cijfers van 2016.
4. Een voorlopige berekening van de fiscale winst per belastingplichtig cluster met het toepassen van onder andere het voorzichtigheidsbeginsel. De accountant zal hierbij een beschrijving van de gehanteerde grondslagen en veronderstellingen willen zien. Voor de meeste overheidslichamen betreft dit alleen de grondexploitatie.
5. Een toelichting op de overige niet-belastingplichtige activiteiten, inclusief ingenomen fiscale standpunten en eventuele risico’s.
6. Een inschatting van de heffing Vennootschapsbelasting 2016 met het voorbehoud tot het doen van aangifte. Het concluderen van het wel of niet doen van aangifte kan in beginsel formeel pas worden gedaan na het definitief worden van de jaarrekening.

Een eventuele heffing Vennootschapsbelasting maakt als last onderdeel uit van het resultaat in de begroting en jaarrekening.

Omdat de resultaten op fiscaal belaste activiteiten onderling worden verrekend en aangifte zal worden gedaan over het totale (gesaldeerde) resultaat, moet de heffing Vennootschapsbelasting worden begroot en als een centrale post in de programmarekening worden begroot. Hiervoor is een aparte IV3-functie beschikbaar (0.9). Er is geen nadere toerekening aan producten/programma’s. De heffing Vennootschapsbelasting wordt verwerkt als een last op een algemeen programma en maakt op die manier onderdeel uit van het saldo van baten en lasten.

Eventuele latente belastingverplichtingen of rechten, zoals toekomstige winsten of verliezen worden conform de BBV regels niet op de balans opgenomen, maar zullen worden opgenomen in de Toelichting op de Jaarrekening, onderdeel ‘Niet op de balans opgenomen rechten en verplichtingen’.

Wij bevelen aan zo snel mogelijk bovenstaande notitie op te stellen, zodat voor alle betrokkenen de fiscale positie van de gemeente bekend is. Voor vragen, een (anoniem) voorbeeld of een uitgewerkte notitie Vennootschapsbelasting voor uw gemeente kunt u contact opnemen met Henk Roosendaal via telefoonnummer 072 535 05 25 of hroosendaal@efkbelastingadviseurs.nl.

Let op: u kunt nog uiterlijk deze week het Becon uitstel aanvragen voor de aangifte Vennootschapsbelasting.