Outplacement: loon uit vroegere dienstbetrekking?

De vergoeding of verstrekking van outplacement kan loon uit vroegere dienstbetrekking zijn en dan leidt dat tot dubbele kosten!

Na invoering van de werkkostenregeling is loon al hetgeen uit een (vroegere) dienstbetrekking wordt genoten, daaronder mede begrepen hetgeen wordt vergoed of verstrekt in het kader van de dienstbetrekking. Dit is anders, indien vergoedingen door de werkgever zijn aangewezen als eindheffingsloon. Deze behoren dan niet tot het loon. Zo is, mits aangewezen als eindheffingsloon, de vergoeding van outplacement tijdens de tegenwoordige dienstbetrekking gericht vrijgesteld. Dit geldt echter niet voor de vergoeding van outplacement nadat de dienstbetrekking is beëindigd. Deze kan niet worden aangewezen als eindheffingsloon, zodat de vergoeding tot het loon uit vroegere dienstbetrekking behoort, belast bij de ex-werknemer. Als de werkgever de belastingheffing voor zijn rekening neemt dient dit loon te worden gebruteerd. In de praktijk betekent dit een verdubbeling van de kosten.

Tijdens de parlementaire behandeling van het Belastingplan 2016 is dit aspect onderkend en is erop gewezen dat de gerichte vrijstelling voor outplacement alleen kan worden toegepast bij loon uit tegenwoordige dienstbetrekking. In de Memorie van Antwoord is hierop gereageerd met de mededeling dat outplacement strekt tot het begeleiden van een werknemer van zijn huidige baan naar een andere baan. In het algemeen wordt een dergelijk traject dus aangeboden op het moment dat de werknemer nog in dienst is en loon uit tegenwoordige dienstbetrekking geniet. Overigens is goedgekeurd dat indien outplacement wordt vergoed of verstrekt op het moment dat door dezelfde werkgever nog loon uit tegenwoordige dienstbetrekking wordt betaald waarop de arbeidskorting van toepassing is, de outplacement kan worden aangewezen als eindheffingsloon. Dit kan zich voordoen bij de nabetaling van vakantiedagen.

Wij wijzen erop dat loon genoten wegens tijdelijke inactiviteit gedurende een periode van maximaal 104 weken wordt gelijkgesteld met loon uit tegenwoordige dienstbetrekking. Outplacement vergoed of verstrekt in die periode valt, mits aangewezen als eindheffingsloon, onder de gerichte vrijstelling. Gelet op het feit dat gemeenten met betrekking tot WW-uitkeringen eigen risico drager zijn, kan taxplanning hier voordelig zijn.

Wat betekent dit voor gemeenten

Om te kunnen profiteren van de gerichte vrijstelling voor outplacement is het raadzaam te anticiperen op de toekomstige situatie en het outplacementtraject reeds in te zetten op het moment dat de betrokkene nog loon uit tegenwoordige dienstbetrekking geniet. Dat loon wegens tijdelijke inactiviteit gedurende een periode van maximaal 104 weken wordt gelijkgesteld met loon uit tegenwoordige dienstbetrekking, helpt zeker bij de planning.

Mocht u vragen hebben, aarzel dan niet contact op te nemen met Ton van der Fits of ons secretariaat via info@efkbelastingadviseurs.nl of 072 535052.