Gedwongen bedrijfsverplaatsing en schadevergoeding

Het komt nogal eens voor dat een ondernemer door de gemeente vriendelijk doch dringend wordt verzocht zijn bedrijf te verplaatsen, bijvoorbeeld bij een voorgenomen bestemmingsplanwijziging. Als de gemeente daarvoor een verplaatsingskostensubsidie of schadevergoeding betaalt, komt de vraag op of daarover btw is verschuldigd.

Voor de btw is de benaming waaronder een vergoeding wordt betaald, of dit nu schadevergoeding, verplaatsingskostensubsidie of anderszins is, niet relevant. Het gaat om de aard van de vergoeding. Zo is over een bijdrage die onder de benaming schadevergoeding wordt verstrekt, gewoon btw verschuldigd als die bijdrage de vergoeding is voor een levering of dienst in de zin van de btw. Daarvan is sprake als de ene partij aan de andere partij een identificeerbaar voordeel verstrekt in ruil waarvoor de andere partij een tegenwaarde betaalt. Van een btw-relevante levering of dienst is geen sprake, indien een gemeente bij het toekennen van een schadeloosstelling niet handelt om goederen of diensten voor eigen gebruik te verkrijgen, maar handelt in het algemeen belang.

Hoge Raad

De Hoge Raad heeft reeds in 1991 een interessant arrest gewezen over de situatie dat een ondernemer zelf zijn bedrijf wil verplaatsen en een subsidie verkrijgt op basis van een algemene bijdrageregeling voor bedrijfsverplaatsingen. Omdat de ondernemer het bedrijf verplaatst vanwege zijn eigen economische belangen, handelt hij niet ter wille van de belangen van de gemeente.. Ter verkrijging van de bijdrage offert hij tegenover de gemeente niet enig recht op of staat anderszins niets af. De verplaatsing is dan geen dienst, zodat over de bijdrage geen omzetbelasting verschuldigd is.

Rechtbank Den Haag

Rechtbank Den Haag <Voor de uitspraak klik hier> heeft zich onlangs over een iets ander situatie uitgesproken. Ter voorkoming van een onteigening is een ondernemer met de gemeente een overeenkomst aangegaan waarbij de gemeente de grond en de opstallen van de ondernemer heeft gekocht en in dezelfde overeenkomst aan hem een vergoeding heeft toegekend als bijdrage in de investeringskosten, financieringskosten, verhuiskosten en inkomensschade. De rechtbank beoordeelt de zaak op basis van Europese jurisprudentie en bekijkt of de gemeente iets heeft gekregen in ruil voor de bijdrage. Dat is in de ogen van de rechtbank niet zo, de bedrijfsverplaatsing geschiedt ten behoeve van de gemeenschap, in het algemeen belang dus. De ondernemer heeft noch aan de gemeente, noch aan enige andere identificeerbare verbruiker een identificeerbaar voordeel verstrekt waarvoor de schadeloosstelling de vergoeding zou kunnen vormen.

Wat betekent dit voor de praktijk?

Aan de hand van de hierboven genoemde criteria moet in ieder individueel geval worden beoordeeld of de ontvanger van de vergoeding btw is verschuldigd. En als dat het geval is, in hoeverre de gemeente de te vergoeden btw kan compenseren of verrekenen. Daarnaast werd in de casus bij de rechtbank onderscheid gemaakt tussen de vergoeding voor de levering van de onroerende zaak en andere betalingen. Het komt ook wel voor dat een ondernemer een zeer hoge prijs bedingt voor zijn onroerende zaak en verder geen vergoeding krijgt. Gelet op de vaak grote belangen is het belangrijk vooraf duidelijkheid te hebben over de fiscale aspecten. Laat u dus goed informeren teneinde verrassingen te voorkomen.

Speelt bij u een dergelijke kwestie en  wilt u nadere informatie? Neemt u dan contact op met mr. Andrea Joore op 072-5350525 of via info@efkbelastingadviseurs.nl.