Einde landbouwregeling

Voor gemeenten die  activiteiten als landbouwer of  bosbouwer ontplooien en die tot 1 januari 2018 gebruik maakten van de landbouwregeling voor bijvoorbeeld hun activiteiten als bosbouwer, gaat het nodige veranderen. Per die datum is de regeling namelijk afgeschaft.

De gemeente wordt voor die activiteiten vanaf 2018 op de normale wijze in de heffing betrokken. De staatssecretaris heeft het Besluit inzake de landbouwregeling in verband daarmee aangepast <klik hier>.

  • Allereerst betekent dit dat btw verschuldigd is ter zake van de levering van goederen (6 of 21%) en dat de btw op de kosten en investeringen voor verrekening in aanmerking komt. Het gaat daarbij om leveringen en diensten die ná 1 januari 2018 plaatsvinden, ongeacht het moment van factureren. Voor nog niet in gebruik genomen goederen en diensten die vóór 1 januari 2018 zijn verkregen, is alsnog verrekening van btw mogelijk.
  • Omdat de agrarische sector op de normale wijze in de btw wordt betrokken en recht heeft op verrekening van btw, is het niet meer noodzakelijk bepaalde diensten die de sector inkoopt met het verlaagde tarief te belasten. Het gaat om diensten aan  landbouwers, bosbouwers en dergelijke in die hoedanigheid door bijvoorbeeld agrarische loonbedrijven. De diensten die voorheen onder het verlaagde tarief konden worden ingekocht, worden thans met 21% btw belast.
  • Daarnaast spelen de herzieningsbepalingen een rol voor investeringsgoederen, zowel roerend als onroerend. Te denken valt bijvoorbeeld aan machines die worden gebruikt bij het rooien van bomen, waarop een ondernemer die aan de winstbelasting is onderworpen zou afschrijven. Door de landbouwregeling kon de btw op de aanschafkosten niet worden verrekend. Daarin komt nu verandering voor zover de herzieningstermijn voor de desbetreffende investeringsgoederen nog geldt. Gelet op de overgangsbepaling in artikel V van de Wet afschaffing van de btw-landbouwregeling moet de landbouwer die op 31 december 2017 gebruik maakte van de landbouwregeling de herzienings-btw voor de resterende herzieningsperiode in één keer in aftrek brengen. Dit geldt voor zover deze goederen en diensten voor belaste handelingen zullen worden gebruikt gedurende de periode waarover herziening plaatsvindt. Hij moet dit doen op een aangifte over een door de landbouwer zelf te kiezen belastingtijdvak dat aanvangt in 2018. Met betrekking tot nog niet in gebruik genomen goederen en diensten moet de landbouwer de aangifte uiterlijk indienen in het belastingtijdvak waarin de landbouwer de goederen en diensten in gebruik neemt.

Voor nadere informatie kunt u vanzelfsprekend bij ons terecht, via het secretariaat op 072-5350525 of info@efkbelastingadviseurs.nl.