Boete: passend en geboden?

Boete: passend en geboden?

Boete: passend en geboden?

De Hoge Raad bevestigt de uitspraak van gerechtshof Den Bosch <klik hier> in een zaak waarin 50% boete is opgelegd wegens niet aangeven van de verschuldigde btw. Bijzonder is dat de afnemer de btw niet heeft geclaimd als voorbelasting dus materieel lijdt de schatkist geen nadeel, maar de fiscus en de rechters denken daar anders over.

Bestuursrechtelijke boetes zijn bedoeld om de belastingbetaler netjes aan zijn verplichtingen te houden, desnoods met harde (boete)hand. De boetes zijn net als ijsjes: verschillende smaken, verschillende groottes en soms ook nog gestapeld. De zaak die voorligt bij de Hoge Raad heeft betrekking op een vergrijpboete. Een moedervennootschap verhuurt een golfterrein btw-belast aan haar dochtervennootschap. De factuur met btw is wel uitgereikt aan de dochtervennootschap maar de verschuldigde btw is niet verwerkt in de btw-aangifte en dus niet voldaan aan de Belastingdienst. De dochtervennootschap, waarvan de bestuurders dezelfde zijn als de moedervennootschap heeft de btw niet geclaimd als voorbelasting. Bij een boekenonderzoek blijkt dat de moedervennootschap willens en wetens heeft gekozen voor het niet aangeven en voldoen van de verschuldigde btw. De reden voor dit handelen wordt niet duidelijk, maar heeft waarschijnlijk met liquiditeitsproblemen te maken. De inspecteur legt een vergrijpboete op van 75%, die door het gerechtshof De Bosch is gematigd tot 50%.

Belangrijk argument van de moedermaatschappij is dat de dochtervennootschap welbewust de btw niet heeft geclaimd als voorbelasting waardoor de schatkist niet is benadeeld. Het gerechtshof oordeelt dat het niet van belang is of de ondernemer aan wie de btw in rekening is gebracht de gefactureerde btw wel of niet claimt of kan claimen als voorbelasting. Deze overweging geeft weer eens duidelijk aan dat terecht in rekening gebrachte btw als voorbelasting kan worden geclaimd, ongeacht of de factuur wordt betaald of niet. Bij niet-betaling is er een correctie-mechanisme en wordt de afnemer de btw na 1 jaar weer verschuldigd. Het afdragen van btw en het claimen van btw als voorbelasting zijn dus twee gescheiden trajecten.

De Hoge Raad geeft aan dat het aan de rechter (rechtbank en gerechtshof) is voorbehouden te oordelen of een vergrijpboete correct is opgelegd en passend en geboden is, waarbij alle feiten en omstandigheden in aanmerking zijn genomen. Daartoe hoort ook de omstandigheid dat de schatkist per saldo niet is benadeeld. Dat het gerechtshof de boete heeft gematigd tot 50% is volgens de Hoge Raad de competentie van het gerechtshof en kan in cassatie niet op juistheid worden getoetst. Dat betekent dat de boete van 50% in stand blijft.

Het stapelen van boetes is een nog weinig voorkomend fenomeen. De Belastingdienst is van mening dat het niet doen van een suppletie-aangifte (“eigener beweging mededeling doen van onjuistheden of onvolkomenheden”) een beboetbaar feit is naast het te weinig betalen van belasting. Opgeteld mag het totaal echter niet hoger zijn dan 100%. In bovenstaande zaak had de inspecteur mogelijk ook nog een boete kunnen opleggen wegens het niet doen van (suppletie)aangifte.

Wat betekent dit in de praktijk? Om in de termen van de Hoge Raad te blijven is het gepast en geboden jaarlijks na te gaan of op de juiste wijze aangifte is gedaan en de verschuldigde btw is voldaan. Zelfs als de schatkist (per saldo) niets te kort komt kan de inspecteur een forse boete opleggen.

Heeft u vragen over het doen van suppletie-aangifte neem contact op met uw adviseur, via info@efkbelastingadviseurs.nl of bel 072 535 0 525.