Begraafplaatsen en btw

Begraafplaatsen en btw

In onze nieuwsbrief van 7 juli 2020 zijn we ingegaan op het arrest van de Hoge Raad in de zaak van de gemeente Krimpen aan de IJssel, waarin de Hoge Raad heeft geoordeeld dat gemeenten als btw-ondernemer handelen bij de exploitatie van begraafplaatsen . Onlangs heeft het Gerechtshof Amsterdam (hierna: Hof Amsterdam) uitspraak gedaan in de verwijzingszaak. Kunnen we dit btw-vraagstuk voor eens en altijd begraven of toch niet? 

Een gemeente maakt volgens de Hoge Raad <klik hier> bij het uitgeven van grafrechten tegen vergoeding geen gebruik van overheidsprerogatieven. Dit betekent dat een gemeente bij de uitgifte van grafrechten als btw-ondernemer handelt. Aangezien de prestatie is vrijgesteld van btw (diensten door lijkbezorgers), komt de btw op de kosten die de gemeente in dit kader maakt niet voor aftrek in aanmerking.  Zoals we in onze eerdere nieuwsbrief hebben besproken heeft de Hoge Raad zich niet gebogen over de vraag of een begraafplaats in zijn geheel wordt geëxploiteerd als ondernemer of dat er ook nog ergens recht bestaat op compensatie van btw. Deze vraag is door de Hoge Raad terugverwezen naar het Hof Amsterdam.  In de verwijzingszaak buigt het Hof Amsterdam <klik hier> zich over een tweetal door de Hoge Raad onbehandeld gelaten vragen.

Ten eerste of (een deel van de) btw kan worden verrekend als de kosten betrekking hebben op de rustplaats voor overledenen voor wie niemand anders dan de gemeente de zorg voor een begrafenis of crematie op zich neemt (de burgemeestersbegrafenis). Ten tweede of een begraafplaats voor een ieder toegankelijk is zodat sprake is van een algemene groenvoorziening. Hierna gaan we nader op de vragen in.

Burgemeestersbegrafenis
Volgens het Hof Amsterdam is bij de zogenaamde burgemeestersbegrafenis geen sprake van een economische activiteit. Er wordt immers geen vergoeding gevraagd. In beginsel komt de btw op de kosten die de gemeente in dit kader maakt dus voor compensatie in aanmerking, tenzij  compensatie is uitgesloten. De Wet op het BTW-compensatiefonds kent twee uitsluitingsgronden. Ten eerste als sprake is van goederen of diensten die worden verstrekt aan een of meer individuele derden. Ten tweede als sprake is van een prestatie die indien zij door een ondernemer wordt verricht is vrijgesteld. Het Hof laat de vraag of in casu sprake is van een individuele verstrekking in het midden. Het Hof concludeert dat compensatie is uitgesloten omdat het in ter aarde bestellen of cremeren van overledenen voor wie niemand anders de zorg voor een crematie/begrafenis op zich neemt kan delen in de vrijstelling voor “diensten van lijkbezorgers”, zodat compensatie is uitgesloten. Opmerkelijk is dat in de bij de totstandkoming van het BTW-compensatiefonds door de Belastingdienst gehanteerde “kruisjeslijst” het uitvoering geven aan de in hoofdstuk II, paragraaf 5 Overheidszorg, van de Wet op de lijkbezorging neergelegde taken van de burgemeester als een overheidstaak wordt gekwalificeerd en de btw als compensabel wordt aangemerkt.

Openbare groenvoorziening?
De btw op de kosten die worden gemaakt in het kader van een openbare groenvoorziening is compensabel. Het Hof Amsterdam  is echter van mening dat een begraafplaats niet als een openbare groenvoorziening kan worden aangemerkt. Volgens het Hof wordt een begraafplaats doorgaans bezocht om overledenen te herdenken en niet om te wandelen, recreëren en de hond uit te laten.  Als toegift (en ten overvloede) merkt het Hof op dat ook in het geval een begraafplaats regelmatig door toeristen wordt bezocht, bijvoorbeeld omdat daar een historisch belangwekkende figuur is begraven, dergelijke bezoeken plaatsvinden in het kader van het hiervoor genoemde doel van een begraafplaats: het herdenken van overledenen.

Commentaar van de redactie
Het zal ons niet verbazen als de Hoge Raad wederom een oordeel zal worden gevraagd over de onderhavige casus. Met name het standpunt dat de burgemeester-begrafenis opgaat in de exploitatie van de begraafplaats  is, gelet op de wettelijk opgedragen taak, naar onze mening discutabel .

Voor traditionele gemeentelijke begraafplaatsen in relatie tot de groenvoorziening kunnen wij het standpunt van de Hoge Raad en het Hof Amsterdam wel begrijpen. Als wordt gekeken naar de nieuwste ontwikkelingen van gemeentelijke begraafplaatsen lijkt het oordeel slechts beperkt toepasbaar. De nieuwste ontwikkelingen integreren een begraafplaats in een grotere parkachtige omgeving, waarbij de ruimten bestemd voor de graven slechts een (klein) onderdeel zijn van een groter groen en openbaar toegankelijk gebied. In deze situatie zal het recht op compensatie eerder een uitgangspunt zijn dan het uitsluiten van btw. Overigens staat het voor ons niet ter discussie dat het gedeelte dat bestemd is voor de graven, als kostprijsverhogend dient te worden gelabeld.

Wilt u meer weten over dit onderwerp? Neem dan contact op met uw EFK-adviseur, Patrick Donders of ons secretariaat via 072-5350525. Een mailbericht sturen naar info@efkbelastingadviseurs.nl  kan natuurlijk ook.