Dien uw SPUK-Sport aanvraag 2024 tijdig in!

Gemeenten hebben (eindelijk) de lang verlangde e-mails ontvangen van de Dienst Uitvoering Subsidies aan Instellingen (Dus-I). Vergeet u niet voor uw organisatie de SPUK-aanvraag tijdig, vóór 1 mei 2024, in te dienen.

Anders dan de jaren tot en met 2023 hoeft u bij de SPUK-aanvraag voor 2024 geen aansluiting met de begrote cijfers te maken. Voor elke gemeente is op basis van de vastgestelde SPUK-gelden 2019 tot en met 2022 een gemiddelde bepaald. Dit gemiddelde is het voorschot wat bij de aanvraag voor 2024 aan de gemeente wordt toegekend en wat door de gemeente voor 1 mei 2024 kan worden aangevraagd.

De overige wijzigingen ten opzichte van de regeling tot en met 2023 zijn:

  • Het nadeel van het forfaitaire percentage (ook wel het mengpercentage voor overhead btw) kan niet meer worden meegenomen in de SPUK-uitkering.
  • Ter compensatie verkrijgen gemeenten een hoger uitkeringspercentage, namelijk een verhoging van 17,5% naar 18%.

Na het boekjaar 2024 zal via de SISA de verantwoording plaatsvinden. Dit zal niet wijzigen ten opzichte van eerdere SPUK-verantwoordingen. Wel kan het zo zijn dat de manier van invullen onder het kopje H4 van de SISA-verantwoording door wijzigingen of vereenvoudigingen anders is.

De regeling is, zoals eerder al bekend gemaakt, geldend voor de jaren 2024 en 2025. In deze jaren zal opnieuw een evaluatiemoment plaatsvinden om de regeling te beoordelen. Afhankelijk van de uitkomst zal de regeling ook voor de jaren 2026 en 2027 gelden. Het is dan nog de vraag hoe de regeling er dan uit komt te zien. Uiteraard houden wij u op de hoogte van de ontwikkelingen!

Heeft u geen e-mail ontvangen van de DUS-I, neemt u dan contact op met uw EFK-belastingadviseur via 072-5350525 of stuur een mailbericht naar info@efkbelastingadviseurs.nl. Ook bij overige vragen rondom de regeling kunt u zoals gebruikelijk bij ons terecht.

<Klik hier voor de officiële publicatie van de SPUK-Sport 2024-2025>




Ontdek de fiscaliteit van Anna Paulowna: Een Walk & Learn ervaring

Op 4 april 2024 heeft onze fiscaal adviseur van EFK, Henk Zuidersma, medewerkers van de gemeente Hollands Kroon meegenomen op een boeiende fiscale wandeling door Anna Paulowna. Wat een ervaring was dat! Samen met de interne fiscalisten Henri Westra en Bianca van Vliet van de gemeente, ontdekten zij de verborgen geheimen van de btw en het BTW-compensatiefonds in de openbaarheid van de gemeente.

Ondanks een frisse lentelucht en -temperatuur en de dreiging van een druppeltje regen, is de sfeer warm en gezellig toen zij zich om 12.45 uur verzamelden in het Kroondomein (werklocatie van de gemeente). Na een korte theoretische uitleg over het handelen van de gemeente als btw-ondernemer, overheid en als niet ondernemer is de wandeling van start gegaan. Tijdens de 1,5 uur durende wandeling stoppen zij op verschillende interessante locaties, van sportcomplexen met horeca tot kerktorens om de theorie aan de praktijk te koppelen. Henk Zuidersma leidt hen door een levendige en educatieve reis, waarbij hij uitleg geeft over hoe de btw van toepassing is op diverse aspecten van de gemeente, van riolering tot SPUK-Sport.

De grote teleurstelling van de wandeling is ongetwijfeld het moment waarop vanwege tijdsgebrek is besloten toch geen ijsje te halen bij de snackbar, terwijl Henk hen toch nog even in de tussentijd vertelt over bonnetjes onder € 100. Bijna een perfecte mix van leren en genieten, maar zover is het echter niet gekomen!

Met een schat aan nieuwe kennis en inzichten keren zij terug naar het kantoor, dankbaar voor deze unieke kans Anna Paulowna op een fiscaal interessante manier te verkennen. Er wordt nu al uitgekeken naar de volgende Walk & Learn-ervaring!

Ook een Walk & Learn organiseren in jouw gemeente? U kunt zich aanmelden door een e-mail te sturen naar training@efkbelastingadviseurs.nl. U kunt ook telefonisch contact met ons opnemen via 072 5350525.




Geslaagde WKR-training afgerond en nieuwe Masterclass Loonheffingen in aantocht!

Op 4 april hebben wij bij EFK Belastingadviseurs in Alkmaar met genoegen onze training over de werkkostenregeling (WKR) georganiseerd. Zoals gewoonlijk willen wij ervoor zorgen dat u goed geïnformeerd bent over de laatste ontwikkelingen en regelgeving die van belang kunnen zijn bij de uitoefening van uw werkzaamheden. De training, geleid door Imke Bos, biedt een exclusieve kans de WKR beter te begrijpen en uw kennis te vergroten.

“Om onze kennis van de WKR weer eens te updaten was dit, in de kleine setting en heldere opzet, de moeite waard,” merkte Linda Bakker-van der Kleij van de Gemeente Schagen op.

De WKR is vandaag de dag een essentieel onderdeel binnen de financiën van publiekrechtelijke organisaties. Wij begrijpen het belang van een grondig begrip ervan, vooral voor mensen met een controlerende functie. De training biedt deelnemers de mogelijkheid vragen te stellen en in gesprek te gaan met onze deskundige spreker, Imke Bos, wat heeft bijgedragen aan een interactieve en leerzame ervaring.

Tijdens de training worden verschillende aspecten van de WKR behandeld, waaronder risicobeheer, efficiëntie en compliance, de verbinding met btw-zaken en klanttevredenheid. Deelnemers krijgen inzicht in hoe een beter begrip van de WKR niet alleen hun kennis over dit specifieke onderwerp vergroot, maar ook hun inzicht in bredere belastingzaken verbetert. Door te begrijpen hoe de WKR van invloed is op btw-verplichtingen kunnen organisaties risico’s identificeren en minimaliseren, de naleving van belastingregels verbeteren en uiteindelijk een efficiëntere bedrijfsvoering realiseren.

De training biedt niet alleen waardevolle kennis, maar ook een platform voor interactie en netwerken tussen deelnemers. Dit draagt bij aan een stimulerende leeromgeving waarin deelnemers niet alleen van de spreker kunnen leren, maar ook van elkaars ervaringen en inzichten.

Wilt u zich verder verdiepen in de loonheffingen? Op 8 mei vindt de Masterclass Loonheffingen plaats bij de gemeente Hilversum. Deze masterclass, gericht op financiële en HR-professionals van publiekrechtelijke organisaties, behandelt recente ontwikkelingen en praktische toepassingen door een deskundige fiscalist. De sessie biedt een platform kennis te delen, vragen te stellen en relevante casuïstiek te bespreken, tegen een bedrag van € 155 (exclusief btw) per deelnemer, met een speciale actieprijs van € 50 voor extra deelnemers uit dezelfde organisatie.

Als u geïnteresseerd bent in deelname aan deze training of als u meer informatie wenst neemt u dan gerust contact met ons op door een e-mail te sturen naar training@efkbelastingadviseurs.nl. U kunt ook telefonisch contact met ons opnemen via 072 5350525.




Zesdaagse btw/BCF training start vanaf 7 mei!

Vanaf 7 mei start een uitgebreide zesdaagse training bij ons op kantoor in Alkmaar. De training is gericht op het beheersen van complexe fiscale wet- en regelgeving voor publiekrechtelijke organisaties. De zesdaagse btw/BCF richt zich specifiek op de btw en het BTW-Compensatiefonds (BCF).

Publiekrechtelijke lichamen worden in toenemende mate geconfronteerd met de uitdagende taak bij te blijven met de voortdurend veranderende fiscale wetgeving, vooral op het gebied van de btw en het BCF. Het correct toepassen van deze regels is cruciaal, omdat een onjuiste toepassing grote materiële en immateriële gevolgen kan hebben. Daarom hebben wij een intensieve opleiding ontwikkeld die de deelnemers voorziet van diepgaande kennis en praktische vaardigheden deze uitdagingen aan te gaan.

Wat kunt u verwachten van de zesdaagse?

  • Een grondige verkenning van de btw/BCF wet- en regelgeving, inclusief recente wijzigingen en jurisprudentie.
  • Een analyse van casestudy’s en praktijksituaties om u te helpen fiscale risico’s te identificeren.
  • Het ontwikkelen van vaardigheden om effectief te communiceren met de Belastingdienst en fiscale strategieën binnen uw organisatie te implementeren.
  • Een intensief programma verdeeld over zes dagen, waarbij elk aspect van de btw en het BCF wordt behandeld door ervaren trainers van EFK Belastingadviseurs.

 

De training wordt gegeven in kleine groepen (maximaal 12 deelnemers) om de interactie tussen deelnemers en trainers te bevorderen. De kosten voor deelname aan de zesdaagse training bedragen € 3.150,- per persoon, exclusief btw. Dit omvat toegang tot de digitale leeromgeving, studiematerialen, lunch en koffie- en theepauzes.

Als u geïnteresseerd bent in deelname aan deze training of als u meer informatie wenst neemt u dan gerust contact met ons op door een e-mail te sturen naar training@efkbelastingadviseurs.nl. U kunt ook telefonisch contact met ons opnemen via 072 5350525.




Beveiligingsmaatregelen voor decentrale bestuurders zijn onder voorwaarden niet belast

Decentrale bestuurders zijn het boegbeeld van provincies, gemeenten en waterschappen en zijn dragers van de (lokale) democratie. Om dit ambt te kunnen vervullen staan zij zichtbaar en midden in de samenleving, met alle vervelende consequenties van dien. 

Er is geen strikte scheiding tussen de ambtsvervulling en de privésfeer en dit maakt hen daarom ook kwetsbaar. Zo hebben steeds meer ambtsdragers te maken met geweld of bedreiging. Voor een goed functionerend bestuur is het van groot belang dat publieke ambtsdragers veilig zijn. Daarom geldt per 1 januari 2024 een nieuwe regeling om de veiligheid van bestuurders te verhogen.

Als de kosten voor de veiligheidsmaatregelen worden betaald vanuit de ‘werkgever’ dan is in de basis sprake van een ‘voordeel uit dienstbetrekking’. In het Besluit van 30 oktober 2023 (strc. 2023, 28233) is bepaald dat onder omstandigheden de kosten kwalificeren als een Arbo-voorziening. Doordat met de regeling wordt voorzien in de juiste randvoorwaarden voor een fiscale gerichte vrijstelling van voorzieningen, wordt voorkomen dat loonbelasting verschuldigd is over de kosten voor de beveiligingsmaatregelen. Dat is namelijk mogelijk als het verplichte Arbo-voorzieningen betreft ter bestrijding van veiligheids- of gezondheidsrisico’s die verbonden zijn met de te verrichten arbeid en waarvoor op grond van de Arbowet ook geen eigen bijdrage van de werknemer/bestuurder mag worden verlangd. De voorwaarde voor de toepasselijkheid van de vrijstelling is wel dat een veiligheidsadvies moet zijn gegeven door de beveiligingsautoriteit van het Ministerie van Binnenlandse zaken.

Op dit moment is de Belastingdienst een inventarisatie aan het maken van decentrale overheden die afspraken hebben gemaakt over de waardering van de beveiligingsmaatregelen van publieke ambtsdragers. De vraag die de Belastingdienst stelt is of een veiligheidsadvies gegeven is door de beveiligingsautoriteit van het Ministerie van Binnenlandse zaken. Is dat het geval, dan is er vanuit een loonbelasting perspectief niks aan de hand. De gerichte vrijstelling is dan van toepassing. Als er geen veiligheidsadvies gegeven is, dan is het nog niet zeker hoe de Belastingdienst hiermee omgaat. Het kan zijn dat een separate afstemming over de waardering noodzakelijk is. Maar het kan ook zijn dat de Belastingdienst zich op het standpunt stelt dat als het rapport van de beveiligingsautoriteit ontbreekt de kosten kwalificeren als belast loon. In dat geval is het mogelijk dat de Belastingdienst (met terugwerkende kracht) naheffingsaanslagen oplegt.

Mocht je vragen hebben, neem dan contact op met uw EFK-belastingadviseur via 072-5350525 of stuur een mailbericht naar info@efkbelastingadviseurs.nl.

 




Verkiezingenspecial, heeft u hem al gelezen?

Op 6 juni is het weer zo ver; de Europese Parlementsverkiezingen vinden plaats! In onze verkiezingenspecial besteden wij volop aandacht aan de voor uw organisatie relevante fiscale aandachtspunten. In dit artikel zetten wij ze voor u nogmaals even op een rij.

Huur opslagloodsen voor verkiezingenmateriaal

Wist u dat veel gemeenten voor het opslaan van verkiezingsmaterialen gebruikmaken van opslagloodsen en dit fiscaal gezien regelmatig fout gaat? In onderstaand artikel leest u meer over btw en opslagloodsen.

<Lees meer over opslagloodsen en btw>

Verstrekkingen in natura aan stembureauleden

Wist u dat in de administratie bij het onderdeel verkiezingen vaak meerdere posten worden verantwoord, waarbij discussie kan ontstaan of sprake is van een verstrekking in natura? In onderstaand artikel leest u meer over de btw-gevolgen van het verstrekken van koffie/thee en overige versnaperingen aan stembureauleden.

<Lees meer over verstrekkingen in natura aan stembureauleden>

Vrijwilligers op stembureaus

Wist u dat de vrijwilligers die de stembureaus bezetten vanuit een loonheffingenperspectief niet altijd als vrijwilliger kwalificeren? De uurvergoeding welke stembureauleden ontvangen ligt vaak hoger dan de vergoeding welke vrijwilligers mogen ontvangen. Hierover leest u meer in onderstaand artikel.

<Lees meer over vrijwilligers op stembureaus>

Vergoeding stembureauleden

Wist u dat de vrijwilligers van de stembureaus vaak niet of onvoldoende op de hoogte zijn van het gegeven dat zij over de ontvangen vergoeding inkomstenbelasting zijn verschuldigd? In onderstaand artikel leest u hier meer over.

Wilt u de vrijwilligers op de stembureaus in uw gemeente goed op de hoogte brengen van de inkomstenbelasting gevolgen van het ontvangen van een vergoeding? Speciaal hiervoor heeft EFK Belastingadviseurs een brief geschreven in begrijpelijke taal, waarin aan het stembureau lid wordt uitgelegd wat de gevolgen van de vergoeding zijn. Wilt u gebruik maken van de brief, dan bieden wij deze aan voor een geringe vergoeding van € 72 exclusief btw per gemeente.

<Lees meer over vergoedingen aan stembureauleden>

Heeft u vragen met betrekking tot fiscaliteit en verkiezingen? Neem dan contact op met uw EFK-belastingadviseur via 072-5350525 of stuur een mailbericht naar info@efkbelastingadviseurs.nl.




Een incidentele handeling in de heffing van btw?

Bij provincies en gemeenten komt de vraag vol ongeloof wel eens voor “Moeten wij voor deze ene incidentele handeling btw in rekening brengen?”. Deze vraag komt meestal voort uit een afdeling die normaal helemaal niets doet met btw. Herkenbaar?

Recentelijk heeft het Gerechtshof ‘s-Hertogenbosch een vergelijkbare vraag behandeld <klik hier>. Het betrof in deze zaak geen incidentele verkoop van bijvoorbeeld een bureau, een stoel, een auto, een bosmaaier, een vrachtauto of een strooimachine, laat staan een laptop of een mobiele telefoon. Het ging in de zaak om een rechtspersoon, die in Duitsland is gevestigd en aldaar geregistreerd staat voor btw-doeleinden en in Nederland een partij nikkel heeft aangeschaft en ruim € 42.000 aan voorbelasting wil terugontvangen. Het hof heeft in zekere zin lef getoond door een oordeel van de Hoge Raad te negeren in een redelijk vergelijkbare zaak waarin het niet om nikkel ging maar om baren zilver <klik hier>. Het hof staat de aftrek van voorbelasting toe terwijl de Hoge Raad de aftrek heeft geweigerd. Het opmerkelijkste hierbij is dat beide rechtsinstanties hun oordeel baseren op het arrest Kostov van het Hof van Justitie <klik hier>.

Eens kijken wat Kostov over de incidentele handelingen heeft te melden. In dit arrest wordt verwezen naar artikel 12 van de BTW-richtlijn. In dit artikel is geregeld dat lidstaten de bevoegdheid hebben eenieder als belastingplichtige aan te merken als zij incidenteel werkzaamheden verrichten van een fabrikant, een handelaar of dienstverrichter, de uitoefening van een (vrij) beroep of de exploitatie van een vermogensbestanddeel om daar duurzaam een opbrengst uit te verkrijgen. In bijzonderheid kunnen lidstaten deze bevoegdheid aanwenden de incidentele levering van een gebouw voor eerste ingebruikneming of de levering van een bouwterrein aan te merken als de levering van een belastingplichtige. Overigens heeft Nederland in haar BTW-wetgeving de incidentele handeling niet opgenomen.

Het Hof van Justitie geeft in rechtsoverweging 30 van het Kostov-arrest aan hoe artikel 12 van de BTW-richtlijn moet worden uitgelegd. Het artikel heeft alleen betrekking op personen die nog niet btw-plichtig zijn voor hun voornaamste economische activiteiten. In de zaak Kostov betekent dit dat een natuurlijk persoon die voor zijn activiteiten als zelfstandig gerechtsdeurwaarder reeds btw-plichtig is, ook voor elke andere economische activiteit, die hij incidenteel verricht, als belastingplichtige moet worden aangemerkt, mits die activiteit een activiteit is die hij als fabrikant, handelaar of dienstverrichter uitvoert.

In de zaak van de Hoge Raad gaat het om een natuurlijk persoon die baren zilver aankoopt en waarbij de Hoge Raad aangeeft dat het buiten redelijke twijfel is dat het incidenteel aankopen van zilver om deze op enig moment te verkopen, geen handeling is van een fabrikant, handelaar of dienstverrichter. De Hoge Raad laat echter buiten beschouwing hoe zij de activiteit dan wel kwalificeert. Wij kunnen ons echter niet aan de indruk onttrekken dat de Hoge Raad hierbij het handelen als belegger (in de privésfeer) heeft bedoeld.

Het Hof heeft echter te maken met een rechtspersoon. Rechtspersonen kennen geen privésfeer. Verder is in de zaak van het Hof een duidelijk verband te leggen met de toekomstige verkoop en het hebben van een financiële buffer als belastingplichtige. Dan is de verwijzing naar Kostov verklaarbaar: de onderneming is als geregistreerd voor btw-doeleinden en heeft in het belang van de btw-onderneming de partij nikkel aangeschaft. Dan is aftrek van btw (met het oog op de toekomstige btw-belaste verkoop) een logische conclusie.

Gemeentelijk en provinciaal belang

Omdat alle gemeenten en provincies in Nederland staan geregistreerd bij de belastingdienst voor btw-doeleinden, zullen in beginsel alle incidentele handelingen die voldoen aan de activiteit van een fabrikant, handelaar of dienstverrichter worden verricht als belastingplichtige. Of die handeling vervolgens leidt tot heffing van btw is dan nog alleen afhankelijk van de al dan niet aanwezigheid van een btw-vrijstelling of een goedkeuring van de Staatssecretaris. En is die handeling btw-belast, kijk dan ook nog even (terug) of uw organisatie recht heeft op (gedeeltelijk) aftrek van btw en of nog eerder gecompenseerde btw dient te worden terugbetaald.

Heeft u assistentie nodig bij het vaststellen van de consequenties van de incidentele handeling? Neem dan contact op met uw EFK-belastingadviseur via 072-5350525 of stuur een mailbericht naar info@efkbelastingadviseurs.nl.




Zojuist gepubliceerd: stukken SPUK Sport 2024-2025

Eindelijk, na wat vertraging is hij er dan toch, de publicatie van de Specifieke Uitkering Stimulering Sport oftewel de SPUK Sport. De regeling is zoals eerder al bekend gemaakt, geldend voor de jaren 2024 en 2025. In deze jaren zal opnieuw een evaluatiemoment plaatsvinden om de regeling te beoordelen. Afhankelijk van de uitkomst zal de regeling ook voor de jaren 2026 en 2027 gelden. Het is dan nog de vraag hoe de regeling er dan uit komt te zien.

Gemeenten kunnen op korte termijn – mogelijk al voor het weekend en anders in de week van 15 april – een mail van de Dienst Uitvoering Subsidies aan Instellingen (Dus-i) verwachten waarin de SPUK-gelden kunnen worden aangevraagd. Anders dan de jaren tot en met 2023 hoeft bij de aanvraag voor 2024 geen aansluiting met de begrote cijfers te worden gemaakt. Voor elke gemeente is op basis van de vastgestelde SPUK-gelden 2019 tot en met 2022 een gemiddelde bepaald. Dit gemiddelde is het voorschot wat bij de aanvraag voor 2024 aan de gemeente wordt toegekend.

De overige wijzigingen ten opzichte van de regeling tot en met 2023 zijn:

  • Het nadeel van het forfaitaire percentage (ook wel het mengpercentage voor overhead btw) kan niet meer worden meegenomen in de SPUK-uitkering.
  • Ter compensatie verkrijgen gemeenten een hoger uitkeringspercentage, namelijk een verhoging van 17,5% naar 18%.

Na het boekjaar 2024 zal via de SISA de verantwoording plaatsvinden. Dit zal niet wijzigen ten opzichte van eerdere SPUK-verantwoordingen. Wel kan het zo zijn dat de manier van invullen onder het kopje H4 van de SISA-verantwoording door wijzigingen of vereenvoudigingen anders is.

Wat nu te doen?

Aangezien de SPUK-aanvraag door de gemeente voor 1 mei 2024 binnen moet zijn, is enige haast geboden. DUS-i zal een mail met de specifieke link voor de gemeente sturen naar de bij haar bekende contactpersoon. Dit is de contactpersoon welke ook bij de SPUK Sport 2023 is aangegeven. Houdt de mailbox dus goed in de gaten en vraag zo snel mogelijk de SPUK Sport 2024 aan, in ieder geval vóór 1 mei 2024. Als de gemeente geen mail ontvangt binnen nu en één week, neem dan contact op met DUS-i of schakel uw EFK-adviseur in. Ook bij overige vragen rondom de regeling kunt u zoals gebruikelijk bij ons terecht.

<Klik hier voor de officiële publicatie>




Terugblik op de Masterclass van 20 februari

Op dinsdag 20 februari heeft EFK Belastingadviseurs een succesvolle Masterclass georganiseerd, waarbij wij deelnemers verwelkomden in gemeente Horst aan de Maas. Het ochtendprogramma gaf een inkijk in de werkkostenregeling (WKR), gevolgd door een informatieve middagsessie omtrent de btw en het BTW-compensatiefonds. Tijdens de masterclass zijn actuele vraagstukken en ontwikkelingen binnen de gemeentelijke praktijk behandeld. Casuïstiek van verschillende gemeenten, beleidsbesluiten en recente rechtspraak passeerden de revue. De interactieve sessies bieden een waardevolle gelegenheid voor het delen van kennis en ervaring.

Wim Huppertz, Beleidsadviseur Bedrijfsvoering van de gemeente Simpelveld, deelde zijn indruk van de dag: “Dinsdag 20 februari weer een interessante masterclass van de altijd bevlogen docent gehad. Ook de uitwisseling van ervaringen met collega’s van andere gemeenten is altijd weer interessant. Als medewerker van een kleine gemeente wil ik zo goed mogelijk bijblijven op het gebied van BTW en BCF. De masterclass is daar uitermate geschikt voor, een aanrader!”

Wij zijn dankbaar voor de actieve bijdragen van alle deelnemers en kijken uit naar de volgende Masterclass. Overweegt u – al dan niet samen met uw collega’s – deel te nemen aan een Masterclass. Op dit moment hebben wij een aantrekkelijk aanbod voor u en uw collega’s. Meer weten of gelijk inschrijven, klik dan hier. Uiteraard kunt u ook contact met ons opnemen via 072 5350525 of training@efkbelastingadviseurs.nl.

Inschrijven is bij ons altijd flexibel. Voor uw gemak kunt u gedurende veertien dagen voor elke masterclass doorgeven met hoeveel collega’s u aanwezig zal zijn.




Eerste training van het jaar 2024: Basis btw/BCF door Henk Zuidersma

De allereerste basis btw/BCF training van het jaar 2024 is een feit. Op 13 februari hebben diverse professionals van verschillende gemeenten deelgenomen aan de training, verzorgd door Henk Zuidersma. De reacties van de deelnemers zijn bemoedigend.

Jan Gerrit van Wijngaarden, werkzaam bij gemeente Heerenveen, deelde zijn persoonlijke ervaring: “Afgelopen week heb ik de basisopleiding btw/BCF mogen volgen bij EFK Belastingadviseurs. Van tevoren had ik verwacht dat het een lange dag zou zijn, gezien de complexiteit van de materie. Gelukkig was dit niet het geval. Henk Zuidersma wist de materie luchtig over te brengen met voorbeelden die direct aansloten op mijn werkomgeving. Al met al is het voor mij zeer leerzaam geweest.”

Het verheugt ons te horen dat de training als toegankelijk en waardevol wordt ervaren. De basisopleiding btw/BCF biedt deelnemers een uitstekend vertrekpunt de btw/BCF-aspecten binnen hun eigen organisatie in kaart te brengen.

Door deel te nemen aan de basis btw/BCF training worden fiscale risico’s eerder onderkend en kunnen potentiële voordelen eerder en beter worden benut. Deelnemers kunnen fiscale verbetertrajecten initiëren en het btw-bewustzijn binnen de gehele organisatie vergroten.

Mocht u interesse hebben in een toekomstige basis btw/BCF training, neem dan contact met ons op via 072 5350525 of training@efkbelastingadviseurs.nl voor meer informatie.

Inzicht begint met nieuwsgierigheid – EFK Belastingadviseurs, jouw sleutel tot onbekende kennis.




Naheffingsaanslagen bij het Individueel Keuze Budget, hoe kan dat?

Rechtbank Noord-Holland heeft beslist dat werknemers van een gemeente geen recht hebben op een onbelaste reiskostenvergoeding, omdat zij dit niet tijdig kenbaar hebben gemaakt.  Niet veel later oordeelt rechtbank Gelderland in een vrij vergelijkbare situatie dat de keuze wel tijdig is gemaakt en dat de werknemer recht heeft op de uitruil van brutoloon voor een onbelaste reiskostenvergoeding. De visie van de Belastingdienst is duidelijk, naheffingsaanslagen worden opgelegd op als de keuze voor het uitruilen niet tijdig is gemaakt. Wanneer is een keuze dan tijdig gemaakt? Deze vraag is door diverse rechtbanken anders beantwoord. U loopt als werkgever mogelijk een risico op naheffingsaanslagen als werknemers niet tijdig een keuze maken voor de besteding van het IKB. Meer weten? Lees verder.

Werknemers van overheidsinstellingen hebben in de regel recht op een Individueel Keuze Budget (hierna: IKB). Een IKB is feitelijk niets anders dan een reservering van het loon, waarbij de werknemer de keuze heeft dit aan te wenden voor een bepaald vooraf vastgesteld doel. Of en in hoeverre werknemers gebruikmaken van het IKB hebben zij zelf in de hand. Deze keuze kunnen werknemers maandelijks maken, maar dit kan ook in een keer aan het einde van het jaar zijn.

Waar kun je aan denken bij een IKB? Bijvoorbeeld de uitruil van loon tegen een netto kilometervergoeding. Deze mogelijkheid is in veel overheid cao’s opgenomen. Maar hoe zit dat als je noodgedwongen geen reisbewegingen meer kan maken? Denk hierbij aan de COVID-19 pandemie waarin we massaal thuis moesten werken. De hoofregel is dat als niet wordt gereisd, geen recht bestaat op een onbelaste reiskostenvergoeding. Tijdens de COVID-19 is hierop een uitzondering gemaakt voor de mensen die al vóór 12 maart 2020 recht hadden op een reiskostenvergoeding voor woon-werk kilometers. De Belastingdienst vindt dat de kilometers onbelast kunnen worden vergoed als werknemers voor 12 maart 2020 hun keuze kenbaar hebben gemaakt. Voor werknemers die de keuze later dan de genoemde datum kenbaar hebben gemaakt, wordt een naheffingsaanslag opgelegd.

De vraag die is voorgelegd aan diverse rechters is: wanneer hebben de werknemers recht op reiskostenvergoeding? Is dat het moment waarop de werknemer de keuze expliciet kenbaar maakt aan bijvoorbeeld het einde van het jaar? Of heeft de werknemer recht op reiskostenvergoeding omdat dit nou eenmaal als doel is opgenomen in het IKB?

Rechtspraak

Rechtbank Noord-Holland <klik hier> heeft geoordeeld dat gekeken moet worden naar het moment waarop de keuze door de werknemer wordt gemaakt in het daartoe bestemde HR-systeem. Vanaf dat moment heeft de werknemer pas een onvoorwaardelijk recht. Vóór die tijd kon de werknemer in potentie nog alle doelen op grond van het IKB kiezen. Hier krijgt de Belastingdienst gelijk.

In een zeer vergelijkbare zaak oordeelt rechtbank Gelderland <klik hier> dat het enkele feit dat werknemers een IKB hebben, aangemerkt moet worden als een onvoorwaardelijk recht. Het moment waarop de werknemer de keuze maakt is niet relevant. Het gevolg is dat het recht op reiskostenvergoeding al bestond voor 12 maart 2020. Met andere woorden, de werkgever kon een netto onbelaste kilometervergoeding uitkeren (tot € 0,19 per kilometer). De werkgever heeft hier gelijk gekregen.

In weer een andere, zeer vergelijkbare zaak, heeft rechtbank Noord-Nederland <klik hier> geoordeeld dat het eigenlijk niet zo relevant is of een onvoorwaardelijk recht bestaat. De rechtbank oordeelt dat slechts van belang is of voor 12 maart 2020 wel of geen regeling bestond op basis waarvan reiskosten konden worden vergoed binnen de cao of arbeidsvoorwaarden. Hier heeft de werkgever gelijk gekregen.

Op dit moment zijn nog ten minste twee vergelijkbare zaken onder de rechter, dus dit wordt vervolgd….

Relevantie voor de praktijk

De uitspraken van de diverse rechters geven geen zekerheid of comfort. Het is wachten op een uitspraak van het Hof. Dat weerhoudt de Belastingdienst echter niet actief te controleren op dit punt. Ook worden nog steeds naheffingsaanslagen opgelegd. Mocht dit bij uw organisatie het geval zijn, weet dan dat het nog niet zeker is of de Belastingdienst gelijk zal krijgen. Het heeft zin om tijdig – binnen zes weken- na dagtekening van de naheffingsaanslag, bezwaar te maken.

Mocht u meer informatie willen? Of heeft u een discussie met de Belastingdienst over de IKB? Neem dan contact op met uw EFK Belastingadviseur via 072-5350525 of stuur een mailbericht naar info@efkbelastingadviseurs.nl.




Niet (tijdig) aanwijzen is een sigaar uit eigen doos!

In gesprekken met de Belastingdienst is de werkkostenregeling (hierna: WKR) altijd een punt. Zeker als het gaat om DHT- trajecten (‘Doorontwikkeling Horizontaal Toezicht’). In de praktijk zien wij veelal het volgende: aan het begin van het jaar vraagt de salarisadministratie aan de financiële afdeling welk bedrag moet worden opgegeven in de loonaangifte. De financiële administratie beoordeeld of posten belast of onbelast zijn. Vervolgens wordt berekend wat de vrije ruimte is en of deze wordt overschreden. Als dat het geval is, dan wordt dit bedrag aan de salarisadministratie doorgegeven om aan te geven als WKR-loon (eindheffingsloon). Herkenbaar? Lees dan verder, grote kans dat niet correct is aangewezen!

Aanwijzen in het algemeen

De WKR is ooit ingevoerd om het leven administratief makkelijker te maken voor de werkgevers, maar niets blijkt minder waar. Het idee was simpel. De werkgever heeft de vrijheid om naar eigen inzicht loon aan te wijzen binnen de ruimte die daarvoor is gegeven: de vrije ruimte. Wil je meer vergoeden of verstrekken, geen probleem! Maar dan betaal je als werkgever wel 80% eindheffing. Hoe je moet aanwijzen, daar zijn geen regels voor, behalve dan dat het moet blijken uit de administratie.

Simpel op papier, maar de praktijk is weerbarstig. Zo moet het aanwijzen als zodanig gebruikelijk zijn én moet de vergoeding of verstrekking gebruikelijk zijn. Daarnaast dient de werkgever ‘tijdig’ te hebben aangewezen. En een tijdige aanwijzing is uiterlijk het moment waarop sprake is van loon. In de meeste gevallen gaat dat over het moment waarop de werknemer het voordeel ontvangt. Een beoordeling aan het begin van het nieuwe jaar is dus niet tijdig. Gevolg, niet aangewezen posten kunnen niet als eindheffingsloon worden aangemerkt. Het gevolg daar weer van is dat de belastingheffing plaats zal vinden op het niveau van de werknemer. Zou de werknemer het kerstpakket nog willen hebben als hij weet dat hij daarover zelf de belasting dient te betalen? Dit draagt niet bij aan een tevreden werknemer, immers deze ontvangt een sigaar uit eigen doos.

Vastlegging

Wat is het moment waarop de beoordeling wordt gemaakt of loonbestanddelen belast of onbelast zijn? Als dit achteraf, in het nieuwe jaar, wordt gedaan dan is dit te laat en mag je als werkgever in feite niet meer aanwijzen. De werknemer is dan degene die de loonheffing zal betalen. Om dit te voorkomen is ons advies vooraf duidelijk vast te leggen welke vergoedingen en verstrekkingen kwalificeren als eindheffingsloon.

Wilt u meer weten over aanwijzen, neem dan contact op met uw EFK Belastingadviseur via 072-5350525 of stuur een mailbericht naar info@efkbelastingadviseurs.nl.




Verwaarloosbaar – een niet te negeren term

De Hoge Raad (HR) heeft recent arrest gewezen over een voormalig snoepfabriek terrein waarop nog een oude fabrieksmuur is blijven staan, welke dienst doet als keermuur, en de rest van het terrein is onbebouwd. Is sprake van een bouwterrein? Een niet verwaarloosbaar arrest voor de praktijk!

Nadat de staatssecretaris na ruim 10 jaar een nieuw vastgoedbesluit <klik hier> het licht heeft doen laten zien, zorgt het in dit artikel te bespreken arrest <klik hier> er eigenlijk al voor dat het besluit kan worden aangepast want zo belangrijk is dit arrest.

De casus

 Op een perceel grond bevindt zich een muur. Uit de stukken blijkt dat het een behoorlijk exemplaar is gegeven de navolgende maten:

  • 96 meter lang;
  • 2,4 meter hoog; en
  • steensbreed (0,25 meter).

waaronder nog een fundering zit van 2 meter hoog en 1 meter breed.

De te beantwoorden vraag is of sprake is van een bouwterrein (21% btw), een bebouwd terrein (btw-vrijgesteld met overdrachtsbelasting) of dat partijen hadden moeten splitsen (standpunt inspecteur; deels btw en deels vrijgesteld/overdrachtsbelasting). De uitkomst is bouwterrein (met 21% btw). Om tot deze uitkomst te komen, geeft de HR voor dergelijke situaties in het arrest een routekaart aan. Deze nemen wij hierna op.

De routekaart
  • Allereerst dient te worden vastgesteld of sprake is van ‘sec’ de overdracht van de eigendom van de onroerende zaak of dat in het kader van de levering de verkoper zich verbindt tot aanvullende handelingen (welke dan mee dienen te worden gewogen). Dit laatste blijft hier verder buiten beschouwing.
  • Is sprake van de levering van één perceel met of zonder een (fiscaal) gebouw? Zonder gebouw is sprake van een btw-belaste levering als wordt voldaan aan het begrip bouwterrein.
  • Er is nu sprake van de levering van een fiscaal gebouw met een onbebouwd terrein. Ga door.
  • Is sprake van een levering van een gebouw met een bijbehorend terrein? Zo ja, dan bepaalt het gebouw het fiscaal regime van het perceel.
  • Zo neen, dan is sprake van de omgekeerde situatie, namelijk onbebouwd terrein met een bijbehorend gebouw. Vraag: Is het gebouw verwaarloosbaar? Hiervoor zijn in het bijzonder van belang de verhouding tussen het bebouwde en het ingebouwde gedeelte van het perceel en de aard en de omvang van het gebouw. Is het antwoord hierop bevestigend (oftewel het gebouw is inderdaad verwaarloosbaar), dan wordt de bebouwing genegeerd en resteert alleen onbebouwde grond wat veelal kwalificeert als bouwterrein (21%).
  • Is de bebouwing niet verwaarloosbaar en het onbebouwde terrein is niet naar maatschappelijke opvattingen dienstbaar aan het gebouw, dan kan de vraag aan de orde komen of moet worden gesplitst. Hiervoor verwijst de HR naar rechtspraak van het Hof van Justitie waarbij één transactie, waar economisch gesproken één levering wordt verricht, niet kunstmatig uit elkaar moet worden gehaald. Het is kunstmatig als de te onderscheiden gedeelten vanuit economisch oogpunt ondeelbaar zijn dan wel één geheel vormen.
Het oordeel

De HR oordeelt dat de omvang van de muur ten opzichte van de omvang van het totale terrein verwaarloosbaar is. Voor zover wij hebben kunnen nagaan is de omvang van de muur wel te bepalen (96m x 0,25m= 24m²) maar hebben wij in de gepubliceerde stukken niet kunnen terugvinden wat de omvang is van het onbebouwde terrein. Gegeven het feit dat sprake is van 10 bouwkavels, de muur tevens is gebruikt als buitenwand van de nieuwgebouwde garages en dat op het gehele perceel een in- en uitrit is aangelegd, ligt het voor de hand te stellen dat de omvang van de muur minder is geweest dan 1% van de totale oppervlakte. Vanuit dit perspectief valt het oordeel van de HR zeker wel te verklaren.

De gemeentelijke praktijk

Op het moment dat de gemeente een perceel grond levert waarop zowel een bebouwing als een deel onbebouwd terrein aanwezig is, dient zij de stappen van de HR (en zoals hiervoor weergegeven in de routekaart) op te volgen. Dan kom je misschien bij stap 5 uit en heb je de vraag te beantwoorden of de bebouwing verwaarloosbaar is. Voor de beoordeling of sprake is van verwaarloosbaarheid geeft de HR maar beperkte handvatten. Als deze geen uitkomst bieden, hebben wij te maken met ‘iets’ waar de belastinginspecteur zeker ook iets van vindt. Kortom, we hebben opeens te maken met een objectief in te vullen begrip ‘verwaarloosbaar’, dat zeker een subjectieve invulling gaat krijgen. Snel schakelen met de Belastingdienst én hopelijk snel een antwoord krijgen, kan de gemeente en haar contractspartij zekerheid bieden.

Omdat de meest wenselijke situatie soms vergt dat een voorgenomen sloop nog niet wordt uitgevoerd, is het verstandig in een vroeg stadium contact op te nemen met uw EFK Belastingadviseur via 072-5350525 of stuur een mailbericht naar info@efkbelastingadviseurs.nl. Op deze manier is er hopelijk voldoende tijd om het begrip ‘verwaarloosbaar’ te toetsen bij bestaande bebouwing, want dat begrip is sinds kort niet meer verwaarloosbaar.




Belastingrente verhoogd naar 7,5%

Juni vorig jaar informeerde wij u over de stijging van het belastingrentepercentage naar 6% [klik hier]. Inmiddels is dit percentage verleden tijd en informeren wij u wederom over een forse stijging. Vanaf 1 januari 2024 is het belastingrentepercentage alweer verder gestegen naar 7,5%. Reden genoeg met de belastingrente rekening te (gaan) houden.

Belastingrente is voor mensen werkzaam in de gemeentelijke- en provinciale praktijk een veelvoorkomende situatie. Als wordt geconstateerd wordt dat de btw op een bepaalde inkomende factuur ten onrechte als voorbelasting op aangifte is teruggevraagd, dan dient deze te worden terugbetaald aan de Belastingdienst. Dan krijgt u te maken met belastingrente. Tenzij, u binnen hetzelfde jaar of binnen het drempeltijdvak de correcties hebt gesuppleerd en betaald.

Met de komst van het nieuwe verhoogde belastingrentepercentage kan de te betalen rente flink oplopen. Dit is uiteraard zonde van de te besteden gemeentelijke-, dan wel provinciale gelden. Wanneer u te maken krijgt met een correctie welke resulteert in een terug te betalen bedrag aan voorbelasting op aangifte, dan is het raadzaam goed na te gaan waaruit de correctie precies bestaat. Bestaat de correctie uit een verschuiving van voorbelasting op aangifte naar het BTW-compensatiefonds, dan biedt de in de internetconsultatie 2023 geïntroduceerde spiegelcorrectie-methode de mogelijkheid de belastingrente te minimaliseren [klik hier voor meer informatie over de spiegelcorrectie].

Wordt u geconfronteerd met belastingrente of wenst u meer te weten over spiegelcorrecties? Neem dan contact op met uw EFK-belastingadviseur via 072-5350525 of stuur een mailbericht naar info@efkbelastingadviseurs.nl.




Gemeenten en veiligheidsregio’s – CrisisNoodOpvang (CNO)

Nederland kampt al geruime tijd met een vluchtelingencrisis, wat uitdagingen oplevert voor veiligheidsregio’s, gemeenten en het COA. Naast reguliere asielzoekerscentra en noodopvanglocaties spelen Crisisnoodopvang-locaties (CNO-locaties) een essentiële rol, beheerd door veiligheidsregio’s en gemeenten. Maar hoe dienen gemeenten en veiligheidsregio’s om te gaan met de btw die drukt op deze kosten?

Voor de kosten die veiligheidsregio’s en gemeenten maken met betrekking tot deze CNO-locaties, is overeengekomen met het Rijk dat de kosten voor activiteiten in het kader van crisisnoodopvang kunnen worden gedeclareerd bij het COA. Gebleken is dat over 2022 gemeenten en veiligheidsregio’s de btw-aspecten niet altijd correct hebben toegepast. In dit kader merken wij nadrukkelijk op dat de btw die drukt op deze kosten niet via het BTW-compensatiefonds door de gemeente kan worden teruggevraagd.

Voor alle duidelijkheid daarom hierbij de te hanteren ‘spelregels’ in het kader van btw voor de te declareren kosten in het kader van CNO:

  1. De btw die door crediteuren op hun facturen inzake CNO in rekening is gebracht bij de gemeenten of veiligheidsregio wordt één op één doorbelast naar het COA;

In dit specifieke geval is sprake van een kostendeclaratie; de gemeenten en veiligheidsregio declareren de kosten bij het COA. De gemeenten en veiligheidsregio maken kosten in het kader van CNO en kunnen de btw die drukt op deze kosten niet verrekenen via hun btw-aangifte dan wel terugvragen via het BTW-compensatiefonds. Dit betekent dat de btw voor de gemeenten een kostenpost is. Een oplossing hiervoor is dat de gemeenten of veiligheidsregio de bruto kosten (inclusief de niet verrekenbare btw) declareren bij het COA.

  1. Veiligheidsregio’s en gemeenten dienen (in principe) het hoge btw-tarief toe te passen als zij kosten eigen personeel in rekening brengen bij het COA;

Het is opmerkelijk dat het COA aangeeft dat de gemeenten in dit kader facturen met btw dienen te sturen. Immers het lijkt op dienstverlening door de gemeenten en veiligheidsregio aan het COA, zonder dat ergens uit blijkt dat het COA en de gemeente een dienstverleningsovereenkomst hebben gesloten. Toch adviseren wij veiligheidshalve uit te gaan van een btw-belaste prestatie waardoor de doorberekende kosten van het eigen personeel in de heffing van btw worden betrokken.

  1. Samenvoegen 1 en 2

Administratief gezien is het meest eenvoudige beide aspecten samen te voegen en te stellen dat de gemeente of de veiligheidsregio btw-belaste prestaties verricht aan het COA. Dan worden de eigen uren ‘gewoon’ belast met 21% btw en zullen de ingekochte dienstverlening van derden (crediteuren) eveneens onderdeel zijn van de btw-belaste prestatie. Als het COA suggereert dat de ingekochte kosten van huisvesting apart en onder een ander fiscaal regime worden ingekocht (bijvoorbeeld btw-vrijgesteld voor een voormalig klooster, gezondheidsinstelling of een belastingkantoor, of tegen een laag tarief als de huisvesting wordt ingekocht bij een hotel of vakantiebestedingsbedrijf), overweeg dan om de kosten van huisvesting apart te registreren en door te belasten. Alle overige kosten kunnen dan met 21% btw in rekening worden gebracht vanwege de veronderstelde dienstverlening aan het COA.

De gemeentelijke praktijk

De gemeenten (en/of veiligheidsregio) maken op verzoek van het COA kosten voor de CNO. In dit kader kunnen de gemeenten een mogelijke prestatie aan het COA verrichten en reiken hierdoor een factuur uit aan het COA met 21% btw. In de hiervoor beschreven situatie 2 en 3 is dat de uitwerking; er is blijkbaar sprake van dienstverlening door de gemeenten en veiligheidsregio aan het COA. De gemeenten en veiligheidsregio kunnen de inkoop-btw op deze facturen verrekenen in hun btw-aangifte en mogen deze ambtelijke inzet meewegen in hun forfaitaire percentage. Mogelijk ten overvloede wijze wij erop dat de 30/70 regeling voor Oekraïners in deze situatie niet van toepassing is. Daarnaast benadrukken wij nogmaals dat de gemeenten in het kader van de uitvoering van de CNO geen btw kunnen declareren bij het BTW-compensatiefonds.

Wilt u meer weten of mocht u vragen hebben over CNO, neem dan contact op met uw EFK-belastingadviseur via 072-5350525 of stuur een mailbericht naar info@efkbelastingadviseurs.nl.




Verhuur en de btw op nutsvoorzieningen en servicekosten

Voor de heffing van btw geldt als hoofdregel dat elke prestatie afzonderlijk aan de heffing van btw wordt onderworpen. Dit geldt ook voor de verhuur van onroerende zaken. Dat betekent dat afzonderlijk moet worden getoetst of de verhuur van de onroerende zaak is vrijgesteld van btw. De verhuur van woningen voor permanent verblijf is altijd vrijgesteld van btw en de verhuur van bedrijfsruimten zoals kantoren is alleen belast met btw als geopteerd is voor de btw-heffing. Maar hoe zit het met de btw op bijkomende leveringen en diensten zoals nutsvoorzieningen en servicekosten?

De bijkomende leveringen en diensten zoals levering van nutsvoorzieningen (elektra, energie, warmte, water, e.d.) en servicekosten (Wi-Fi, schoonmaak e.d.) zijn afzonderlijke prestaties die in beginsel niet vallen onder de vrijstelling, zodat deze in beginsel belast zijn met btw. Slechts in uitzonderlijke gevallen kunnen bijkomende leveringen en diensten opgaan in de verhuur van de onroerende zaak en volgen dan het btw-regime van de verhuur. Hiervan is alleen sprake als de huurder en niet zelf of samen met de andere huurders voor een leverancier kan kiezen (dus verplicht is af te nemen van de verhuurder) en hij bovendien geen invloed heeft op de mate waarin hij de goederen of de diensten afneemt. Als afzonderlijke meters zijn geplaatst zal sprake zijn van afzonderlijke leveringen die afzonderlijk aan de heffing van btw zijn onderworpen.

Welke leveringen en diensten gaan nog wel in de verhuur? Dit kan bij (oude) systemen van blokverwarming in een appartementencomplex waarbij de geleverde warmte niet met afzonderlijke meters wordt geregistreerd. Het beheer, onderhoud, schoonmaak en dergelijke servicekosten van de gezamenlijk te gebruiken ruimten en voorzieningen in een appartementencomplex, zoals entree, trappenhuis, lift en buitenruimten.

In het besluit van de staatssecretaris “Omzetbelasting, levering en verhuur van onroerende zaken” [klik hier] is in paragraaf 7.4.4. een passage opgenomen over de verhuur van woningen en servicekosten. Volgens deze passage gaat bij de verhuur van woningen de servicekosten op in de vrijgestelde verhuurprestatie. Dit wijkt af van de uitleg van de wettelijke bepalingen op basis van de jurisprudentie, zoals hiervoor is weergegeven. De passage kan daarom als een goedkeuring van de staatssecretaris worden beschouwd. Op 14 december 2023 heeft het Ministerie van Financiën een actualisering van het besluit gepubliceerd [klik hier]. Met de wijziging zal de goedkeuring voor de servicekosten bij de verhuur van woningen worden ingetrokken. Om verhuurders in de gelegenheid te stellen de huurovereenkomsten aan te passen mag het oude beleid tot 1 januari 2025 worden toegepast.

Wilt u meer weten over btw op nutsvoorzieningen en servicekosten, neem dan contact op met uw EFK-belastingadviseur via 072-5350525 of stuur een mailbericht naar info@efkbelastingadviseurs.nl.




Is er licht aan het eind van de Wet DBA-tunnel?

Veel publiekrechtelijke lichamen werken met ZZP-ers. Werken met ZZP-ers kan risico’s met zich mee brengen voor wat betreft de loonheffingen. Beoordeeld dient te worden of mogelijk sprake is van dienstbetrekking, met alle gevolgen van dien. Werkt uw organisatie ook met ZZP-ers, houd u dan rekening met de in 2024 aangescherpte handhavingsactiviteiten vanuit de Belastingdienst. Het is namelijk de bedoeling dat op 1 januari 2025 het Handhavingsmoratorium zal gaan vervallen.

2023 – versterken en verbeteren van de handhaving
Dir jaar was al duidelijk merkbaar dat de Belastingdienst bij controlewerkzaamheden en bedrijfsbezoeken – zeker ook binnen Doorontwikkeling Horizontaal Toezicht – meer vragen stelt over ZZP-ers. De vragen waren vooral gericht op het in kaart brengen van het proces rondom ZZP-ers en de beheer-, controle- en monitoringsmaatregelen die de organisatie in dit kader neemt. Daadwerkelijke correctiemaatregelen zijn het afgelopen jaar relatief weinig voorgekomen. Wel werd in 2023 in enkele gevallen door de Belastingdienst een zogeheten ‘aanwijzing’ gegeven. De aanwijzing, vaak gericht op een specifiek geval of groep van gevallen, dient te worden nagekomen door de organisatie, anders kan de Belastingdienst alsnog corrigerend optreden (tot de datum van de gegeven aanwijzing).

2024 – op weg naar opheffing van het Handhavingsmoratorium
Ook in 2024 mag de Belastingdienst – normaal gesproken – alleen corrigerend optreden bij kwaadwillendheid of het niet (tijdig) opvolgen van aanwijzingen. Wel verwachten wij dat in 2024 de vragen gerichter en nog concreter zullen worden en steeds vaker aanwijzingen zullen worden gegeven die dienen te worden opgevolgd. Het zal dan ook nog veel meer gaan knellen dat de Wetgever al sinds 2016 niet in staat is met duidelijke algemene regels of uitgangspunten te komen wanneer wel of juist niet sprake is van een dienstbetrekking. Zonder heldere regels is het per individuele situatie afhankelijk van alle feiten en omstandigheden of een ZZP-er eigenlijk in dienst is. Helaas is het antwoord daarop vaak: het zou wellicht kunnen. Tot 2025 is dat een overzichtelijk probleem, maar vanaf 2025 – wanneer het Handhavingsmoratorium zal gaan vervallen – gaat dit veel meer risico’s geven voor zowel de organisatie als de ZZP-er.

Hoe om te gaan met ZZP-ers in 2024?
In de praktijk is het werken met ZZP-ers bij veel organisaties meer regel dan uitzondering, overigens ook bij de Belastingdienst zelf. Totdat meer duidelijkheid komt van de wetgever is het dan ook van groot belang het komende jaar na te gaan of de ZZP-ers binnen uw organisatie in grote lijnen binnen het nu geldende ZZP kader blijven. Hoewel het nog steeds zeer casuïstisch is en veel verschillende factoren een rol spelen bij de boordeling, zien wij dat de Belastingdienst zich in de prakrijk vooral richt op de volgende aspecten:

  • Wordt gewerkt met en volgens een Modelovereenkomst van de Belastingdienst? Al lijkt het er wel steeds meer op dat de modelovereenkomst zijn belang verliest, omdat de Belastingdienst in de praktijk ervaart dat de overeenkomst te beperkt is.
  • Hoeveel uren per week werkt iemand voor de opdrachtgever, enkele uren per week of fulltime?
  • Hoe lang is de persoon werkzaam voor de organisatie, korter of langer dan een jaar? Is sprake van projectgericht werken? Worden opdrachten steeds verlengd?
  • Loopt de opdrachtnemer zelf risico voor zijn werkzaamheden?
  • Zijn binnen de organisatie eigen werknemers werkzaam die hetzelfde werk doen?
  • Is sprake van inbedding (structurele kernactiviteit) van het werk en/of de zelfstandige bij de opdrachtgever?
  • Hoe is de betaling vormgegeven, een tarief per uur of een vast bedrag per maand?

Geen van de bovengenoemde factoren is op zichzelf bezien op dit moment doorslaggevend, waardoor het in veel situaties onduidelijk zal blijven of een ZZP-er wel of niet in dienst is. Al met al komt het einde van de Wet DBA tunnel in zicht, maar is het nog lang niet duidelijk of er dan ook een duidelijk licht zal schijnen.

Maakt ook uw organisatie veel gebruik van ZZP-ers en wilt u meer weten over dit onderwerp of mocht u vragen hebben, neem dan contact op met uw EFK-adviseur of stuur een mailbericht naar info@efkbelastingadviseurs.nl of bel naar 072-5350525




Verrekeningen op inkomende btw-facturen zijn bij menig gemeente debet aan onjuiste (credit) verwerking (BTW).

In de gemeentelijke praktijk worden we geconfronteerd met allerlei verrekeningen op inkomende facturen en afrekeningen. Als voorbeeld noemen we:

  1. Facturen waarop taxibedrijven hun dienstverlening in het kader van het collectief WMO-vervoer in rekening brengen onder verrekening van de vervoersbijdragen die namens de gemeente zijn geïnd.
  2. Facturen waarop afvalverwerkingsbedrijven hun dienstverlening in rekening brengen onder verrekening van (bij wijze van selfbilling) de verkoopomzet recyclebaar afval;
  3. Afrekeningen waarop watersportverenigingen de liggelden verantwoorden die namens de gemeente zijn geïnd onder verrekening van de huur van water/clubgebouwen.

Dergelijke facturen/afrekening vereisen boekhoudkundig een splitsing in een kostendeel en een opbrengstdeel, maar als dit bij registratie in de geautomatiseerde financiële administratie niet wordt onderkend gaat het mis. Het opbrengstgedeelte wordt dan als negatieve kosten verantwoord met (mogelijk) negatieve btw-verwerking tot gevolg. In de gegeven voorbeelden heeft dit bovendien als neveneffect dat ook de verschuldigde btw (over de vervoersbijdragen, de verkoopomzet en de liggelden) niet (juist) op btw-aangifte wordt aangegeven. Hiervoor moeten dan weer suppleties op de gedane aangiften en declaraties worden ingediend.

Omdat ons is gebleken dat het hierbij om aanzienlijke bedragen kan gaan die dan ten onrechte in mindering zijn gekomen op de compensabele c.q. verrekenbare btw, loont het dus zeer de moeite hier intern aandacht voor te vragen. Leg een en ander goed vast in de werkprotocollen of (nog beter) spreek met de betreffende leveranciers af voortaan twee aparte facturen/afrekeningen te sturen, te weten één voor het kostendeel en één voor het opbrengstdeel. Op deze wijze is een juiste administratieve verwerking (beter) geborgd. Voorkomen is beter dan genezen.

Wilt u meer weten of mocht u vragen hebben, neem dan contact op met uw EFK-adviseur of stuur een mailbericht naar info@efkbelastingadviseurs.nl of bel naar 072-5350525.




BOSA en SPUK – de belangrijkste updates

BOSA
De bestaande subsidieregeling Bouw en Onderhoud Sport Accommodaties (BOSA) is verlengd voor de komende vijf jaar. Naast een subsidie voor bouw en onderhoud van sportaccommodaties komt ook de aanschaf van sportmateriaal voor subsidie in aanmerking. Wel zijn een aantal wijzigingen doorgevoerd in de nieuwe regeling. De belangrijkste wijzigingen zetten wij voor u op een rij:

  • Alleen verenigingen en stichtingen komen nog in aanmerking voor de regeling, NV’s en BV’s maar ook andere rechtsvormen komen niet langer in aanmerking voor de BOSA.
  • Onderscheid wordt gemaakt in organisaties die zelf sportactiviteiten organiseren, zoals een sportvereniging en sportorganisaties. Een sportorganisatie komt in aanmerking voor de BOSA als zij is aangesloten bij een lid van het NOC/NSF of een deelnemende organisatie is van het POS (Platform Ondernemende Sportaanbieders).
  • Als een stichting of vereniging een sportaccommodatie exploiteert, dan komt deze in aanmerking voor de BOSA als de accommodatie in het omgevingsplan enkel de bestemming sport heeft, of als de accommodatie minimaal 50% in vierkante meters en minimaal 50% van de tijd gebruikt wordt voor de amateursport.
  • De extra subsidie van 10% voor investeringen in verduurzaming en toegankelijkheid is verhoogd naar 20%, zodat voor deze investeringen de totale subsidie 40% bedraagt van het investeringsbedrag inclusief btw.

De wijzigingen kunnen grote gevolgen hebben voor stichtingen en verenigingen die een multifunctionele accommodatie exploiteren waarin een sporthal of gymzaal is opgenomen. In de meeste gevallen hebben deze accommodaties in het omgevingsplan niet enkel de bestemming sport, maar wordt ook aandacht besteed aan de maatschappelijke doeleinden. In het verleden werd bij een aanvraag van de BOSA een splitsing gemaakt in kosten/investeringen toerekenbaar aan de sportaccommodatie en overige uitgaven. Bij de aanvraag van een BOSA dient nu te worden getoetst of wordt voldoen aan de voorwaarden of de sportaccommodatie in vierkante meters meer is dan 50% van de gehele accommodatie én het gebruik van de accommodatie voor meer dan 50% bestaat uit het gebruik voor de amateursport. Als dit niet het geval is, dan kan geen aansprak worden gemaakt op de BOSA. Mogelijk kan in die gevallen een wijziging in de wijze van exploitatie van de multifunctionele accommodatie nog een oplossing bieden. Zo niet, dan raken de exploitanten de compensatie voor de gevolgen van de verruiming van de btw-vrijstelling voor sportorganisaties kwijt terwijl zij juist het meeste zijn getroffen door verruiming van de vrijstelling.

SPUK stimulering sport
Sinds 1 januari 2019 is het bekend dat gemeenten, sportverenigingen en sportstichtingen niet langer in staat zijn de btw die aan hen in rekening wordt gebracht voor investeringen in sport, af te trekken. Om niettemin de ontwikkeling en instandhouding van sportaccommodaties en de aanschaf van sportmaterialen te bevorderen, hebben gemeenten sinds die datum de mogelijkheid gebruik te maken van de regeling Specifieke uitkering stimulering sport (SPUK).

Nieuwe regeling 2024
Het ministerie van Volksgezondheid Welzijn en Sport (VWS) werkt in samenwerking met specialisten aan de voortzetting van de regeling vanaf 2024. Om dit te realiseren, is de huidige regeling geëvalueerd en worden eventuele verbeterpunten geïmplementeerd in de nieuwe regeling. Het streven van VWS is de regeling tegen februari 2024 beschikbaar te stellen voor gemeenten. Zodra meer gedetailleerde informatie beschikbaar komt omtrent de voortzetting van de regeling vanaf 2024, brengen wij u vanzelfsprekend op de hoogte.

Wilt u meer weten over de BOSA en/of de SPUK of mocht u vragen hebben, neem dan contact op met uw EFK-adviseur of stuur een mailbericht naar info@efkbelastingadviseurs.nl of bel naar 072-5350525




Vooruitblik op de trainingsagenda 2024

Niet alleen de gebruikelijke sessies staan op de kalender voor 2024. Komend jaar is ook ruimte voor verdieping en uitbreiding van expertises. Zo start het jaar met een reeks gratis online sessies over het opzetten van een Tax Control Framework (TCF) en Doorontwikkeling Horizontaal Toezicht (DHT). Een kans om inzichten direct toe te passen in de dagelijkse praktijk, gepland op 9, 17 en 25 januari 2024.

De trainingsagenda biedt nog meer. Denk aan een duik in de wereld van Basis btw/BCF op 16 januari 2024, een Alumnibijeenkomst op 15 februari 2024 en een WKR training op 22 februari 2024. Daarnaast start in maart een diepgaande zesdaagse training over de complexe wereld van btw en het BTW-Compensatiefonds. Een unieke kans om wet- en regelgeving, jurisprudentie en praktijkcases tot in de diepte te doorgronden.

Naast een uitgebreide reeks trainingen in de eerste helft van 2024, zullen de latere maanden worden gekenmerkt door diepgaande sessies over Fiscale Compliance (onder meer herijking forfaitair percentage en steekproeven) en BBV sessies (Besluit Begroting en Verantwoording). Deze trainingen dragen bij aan een essentiële verdieping van kennis omtrent fiscale aangelegenheden binnen de gemeente.

De Basisopleiding gemeentefinanciën en BBV dient voor veel deelnemers als een ideaal startpunt een solide begrip te ontwikkelen van de financiële processen binnen de gemeente. Hierdoor kunnen zij niet alleen de kwaliteit en effectiviteit van hun werk vergroten, maar ook inzichten verwerven over gebieden waar verdere scholing wenselijk is.

Het jaar 2024 belooft een periode van verdieping, ontwikkeling en groei te worden voor professionals die streven naar een dieper begrip van de complexe fiscale wereld in de publieke sector. Houd voor meer informatie onze opleidingspagina in de gaten.

EFK Belastingadviseurs verwelkomt je graag voor een jaar vol nieuwe inzichten en verdiepende kennis in de wereld van fiscaliteit!

Inzicht begint met nieuwsgierigheid – EFK Belastingadviseurs, jouw sleutel tot onbekende kennis.

 

Agenda opleidingen

Online sessie TFC & DHT dinsdag 9 januari 2024 Online
Basis btw/BCF dinsdag 16 januari 2024 EFK, Alkmaar
Online sessie TFC & DHT woensdag 17 januari 2024 Online
Online sessie TFC & DHT donderdag 25 januari 2024 Online
Alumnibijeenkomst donderdag 15 februari 2024 Alticollense, Amersfoort
Masterclass Limburg dinsdag 20 februari 2024 Horst aan de Maas
WKR training donderdag 22 februari 2024 EFK, Alkmaar
Zesdaagse btw/BCF 1 dinsdag 5 maart 2024 Alticollense, Amersfoort
Masterclass Drenthe woensdag 6 maart 2024 Gemeente Staphorst
BBV training dinsdag 12 maart 2024 De Zandkamer, Den Bosch
Masterclass Friesland/Groningen donderdag 11 april 2024 Stadskanaal
Basis btw/BCF dinsdag 16 april 2024 De Zandkamer, Den Bosch
Fiscale Compliance donderdag 25 april 2024 EFK, Alkmaar
Zesdaagse btw/BCF 2 donderdag 23 mei 2024 EFK, Alkmaar
Vennootschapsbelasting dinsdag 21 mei 2024 De Zandkamer, Den Bosch
BBV training donderdag 30 mei 2024 Alticollense, Amersfoort
WKR training donderdag 30 mei 2024 Alticollense, Amersfoort
Basis btw/BCF dinsdag 17 september 2024 Alticollense, Amersfoort
Vennootschapsbelasting dinsdag 24 september 2024 Alticollense, Amersfoort
BBV training donderdag 26 september 2024 EFK, Alkmaar
Zesdaagse btw/BCF 3 dinsdag 1 oktober 2024 De Zandkamer, Den Bosch
Alumnibijeenkomst donderdag 3 oktober 2024 Alticollense, Amersfoort
WKR training dinsdag 22 oktober 2024 Alticollense, Amersfoort
BBV training verdieping donderdag 24 oktober 2024 EFK, Alkmaar
Leergang Rijksbelastingen dinsdag 5 november 2024 Hotel Wientjes, Zwolle
Basis btw/BCF donderdag 14 november 2024 EFK, Alkmaar
WKR training donderdag 21 november 2024 De Zandkamer, Den Bosch
BBV training dinsdag 10 december 2024 De Zandkamer, Den Bosch
Vennootschapsbelasting dinsdag 17 december 2024 De Zandkamer, Den Bosch



EFK Belastingadviseurs introduceert Jaaraanbieding voor Masterclasses in 2024

Wij bij EFK Belastingadviseurs zijn verheugd onze jaaraanbieding aan te kondigen, gericht op het verdiepen van fiscale expertise voor het komende jaar. Onze jaaraanbieding is bedoeld als een gestructureerde en effectieve manier om de fiscale expertise van lokale overheden op hoog niveau te houden.

Wat maakt ons aanbod dit jaar bijzonder? Gemeenten hebben de mogelijkheid om de drie geplande masterclasses voor het komende jaar in één keer af te nemen met een aantrekkelijke korting van 10%. Flexibiliteit staat centraal, waarbij gemeenten tot veertien dagen voor aanvang van elke sessie de deelnemerslijst kunnen aanpassen. Dit biedt niet alleen zekerheid van deelname maar ook de vrijheid de deelnemers aan te wijzen naar behoefte.

Onze masterclasses, gefocust op de meest actuele btw-ontwikkelingen en het BTW-compensatiefonds, beloven niet alleen kennisverrijking maar ook waardevolle kennisuitwisseling tussen gemeenten. De masterclasses vinden plaats op tien verschillende locaties verspreid over Nederland, zodat deelnemers de vrijheid hebben een locatie te kiezen die het beste bij hen past. Met twee bijeenkomsten in het voorjaar (week 5 en 25) en één na Prinsjesdag (week 39) wordt optimaal ingespeeld op de meest recente fiscale ontwikkelingen. Elke sessie omvat een dagdeel van circa 3,5 uur en biedt een diepgaande verkenning van actuele cruciale fiscale aspecten voor gemeenten.

Geïnteresseerde deelnemers worden aangemoedigd zich aan te melden via deze link of contact op te nemen voor verdere informatie via 072 5350525 of  trainingen@efkbelastingadviseurs.nl.

Inzicht begint met nieuwsgierigheid – EFK Belastingadviseurs, jouw sleutel tot onbekende kennis.




Academy terugblik 2023

Het afgelopen jaar stond in het teken van een verkenningstocht door het domein van fiscaliteit, waarbij de EFK Academy meer dan 50 trainingssessies heeft mogen verzorgen. Wij hebben kennis gedeeld op diverse locaties door heel Nederland, van het charmante Delft tot het bruisende Groningen en talloze andere steden, waaronder Den Bosch, Nijkerk, Zwolle, Deventer, Amersfoort, Alkmaar, Heerlen en meer.

De variatie aan onderwerpen was net zo boeiend als uitgebreid: van diepgaande duiken in de Rijksbelastingen zoals omzetbelasting, vennootschapsbelasting en loonheffingen tot het verkennen van gemeentefinanciën in de BBV (Besluit Begroting en Verantwoording). De trainingen fungeerden als ontmoetingspunt waar professionals van verschillende achtergronden hun begrip van complexe fiscale zaken konden verdiepen en verfijnen.

Het was inspirerend te zien hoe deze sessies een brug vormden tussen expertise en praktijkervaring, ongeacht de stad of locatie waar ze plaatsvonden. Onze missie om kennis te verspreiden en te verrijken heeft geleid tot een levendige, interactieve leeromgeving waar professionals hun inzichten niet alleen verbreden met onze expertise, maar ook door het delen van hun eigen ervaringen.

Als jij ook deel wil uitmaken van de ontdekkingsreis door de fascinerende wereld van fiscaliteit en gemeentefinanciën, sluit je dan aan bij een van onze aanstaande sessies. Wij denken graag met jou mee welke training, cursus of kennissessie het beste bij jou past. Voor meer informatie en aanmeldingen kun je contact met ons opnemen via training@efkbelastingadviseurs.nl of telefonisch op 072 5350525.

Inzicht begint met nieuwsgierigheid – EFK Belastingadviseurs, jouw sleutel tot onbekende kennis
.




Uitspraak Hof Den Bosch concessies buitenreclame

Recent heeft Hof Den Bosch in hoger beroep uitspraak gedaan (ECLI:NL:GHSHE:2023:3603) over de vraag of een gemeente belastingplichtig is voor haar reclameactiviteiten. Hof Den Bosch bevestigt de eerdere uitspraak van rechtbank Den Haag en concludeert dat sprake is van een afzonderlijke belastingplichtige activiteit die niet onder de overheidstaakvrijstelling valt. Hof Den Bosch constateert evenals eerder rechtbank Den Haag dat de concessiecontracten die voor 1 januari 2016 zijn gesloten niet op de fiscale openingsbalans kunnen worden geactiveerd. Hetzelfde geldt voor de lichtmasten en verkeersregelkasten (VRI).

Geen clustering
De activiteit dient afzonderlijk te worden beoordeeld omdat aan de reclameactiviteit voldoende zelfstandigheid kan worden toegekend en sprake is van onvoldoende verwevenheid met het beheer van de openbare ruimte. Het Hof ziet activiteiten die wezenlijk van elkaar verschillen. Daarnaast wordt met beide activiteiten niet als eenheid in het maatschappelijk verkeer opgetreden en zijn de afnemers verschillend (reclame-exploitanten versus andere burgers).

Geen normaal vermogensbeheer
Voor wat betreft het leerstuk normaal vermogensbeheer oordeelt het Hof dat de reclameactiviteiten niet zijn aan te merken als verhuur van delen van de openbare ruimte. Het verlenen van een exploitatierecht komt niet voort uit een vermogensbestanddeel dat de gemeente heeft. De voor de onderneming benodigde arbeid is aanwezig. Een beroep op het vertrouwensbeginsel onder verwijzing naar de verhuur van onroerend goed is afgewezen omdat de reclameactiviteit niet vergelijkbaar is.

Geen toepassing overheidstakenvrijstelling
Qua overheidstakenvrijstelling constateert het Hof dat het aankomt op de invulling van een open norm. Het door de gemeente tot haar taken toerekenen betekent volgens het Hof niet dat sprake is van een overheidstaak. Volgens het Hof wordt het aan een overheidstaak gekoppelde belang van de samenleving niet gediend met de gelegenheid geven tot exploiteren van buitenreclame. Daarnaast oordeelt het Hof dat sprake is van feitelijke concurrentie met private partijen zoals reclame-uitingen in NS-stations, stadsbussen, vrachtwagens en steigerdoeken.

Conclusie
Dit is de eerste zaak in hoger beroep over de concessies buitenreclame. Opvallend is dat Hof Den Bosch heeft geoordeeld in een zaak van rechtbank Den Haag (in plaats van Hof Den Haag). Aangezien meerdere zaken nog aanhangig zijn is het wachten op de uitkomst bij de andere gerechtshoven. Een laatste stap voor de procederende gemeente is de procedure aanhangig maken bij het hoogste rechtsorgaan van ons land de Hoge Raad. Vanzelfsprekend houden wij u op de hoogte van de ontwikkelingen.

Wilt u meer weten of mocht u vragen hebben, neem dan contact op met uw EFK-adviseur of stuur een mailbericht naar info@efkbelastingadviseurs.nl of bel naar 072-5350525.




Gemeenten en Belastingdienst sluiten Convenant Doorontwikkeling Horizontaal Toezicht

Een belangrijke mijlpaal is bereikt door een tiental gemeenten, waaronder Bommelerwaard, Bloemendaal, Heemstede, Hilversum, Huizen, Kaag en Braassem, Maasdriel en Zaltbommel. Met focus, hard werken en begeleiding van EFK Belastingadviseurs hebben zij met succes het convenant Doorontwikkeling Horizontaal Toezicht (DHT) met de Belastingdienst ondertekend. Een welgemeende felicitatie aan alle medewerkers en bestuurders die hebben bijgedragen aan dit gezamenlijk succes! 

De ondertekening van het convenant bevestigt de toewijding van de gemeenten aan het beheersen van hun fiscale processen. Gebaseerd op de principes van wederzijds vertrouwen, transparantie en het bevorderen van een zakelijke werkrelatie tussen de gemeenten en de Belastingdienst, draagt het convenant ook bij aan de vereisten voor het verkrijgen van een rechtmatigheidsverklaring.

De Belastingdienst heeft na de unilaterale ontbinding van alle HT-convenanten striktere eisen gesteld aan een DHT-convenant. Om hieraan te voldoen, hebben de gemeenten met begeleiding van EFK Belastingadviseurs een verbetertraject doorlopen. Hierbij zijn knelpunten geïdentificeerd en verbeteringen doorgevoerd met betrekking tot btw, het BTW-compensatiefonds, loonheffingen en vennootschapsbelasting. De convenant gemeenten beschikken nu over een praktisch en werkend Tax Control Framework (TCF) met een gerichte nadruk op het beheersen, controleren en monitoren van cruciale fiscale risico’s (key-risks).

Na een audit heeft de Belastingdienst bevestigd dat de fiscale beheer-, controle- en monitoringprocessen van de gemeenten op een adequaat niveau zijn, wat voldoet aan de verhoogde eisen van de Belastingdienst. Deze positieve beoordeling heeft geresulteerd in overeenstemming tussen de gemeenten en de Belastingdienst een convenant af te sluiten, dat drie jaar van kracht zal zijn.

De Belastingdienst heeft expliciet vertrouwen uitgesproken in zowel de fiscale beheersing als de betrokkenheid van de gemeentelijke organisaties. Het is belangrijk op te merken dat de gemeenten niet op hun lauweren kunnen rusten. Periodiek bespreken de Belastingdienst en de individuele gemeenten de actuele aandachtspunten, het fiscaal bewustzijn, de risicoanalyse, de uitkomsten van de monitoring en de uitoefening van het toezicht. Voor de burger betekent dit vernieuwde convenant de geruststelling dat zij kan vertrouwen op een gemeente die haar fiscale processen onder controle heeft en tijdig bijstuurt in het geval van veranderende omstandigheden.

Overweegt u of bent u bezig met het opzetten van een Tax Control Framework, een convenant DHT of een opleidingsplan? Het jaar start met een reeks gratis online sessies over het opzetten van een Tax Control Framework (TCF) en Doorontwikkeling Horizontaal Toezicht (DHT). Een kans om inzichten direct toe te passen in de dagelijkse praktijk, gepland op 9, 17 en 25 januari. Geïnteresseerde deelnemers worden aangemoedigd zich aan te melden via deze link of contact op te nemen voor verdere informatie via 072 5350525 of trainingen@efkbelastingadviseurs.nl.




Vouchers en btw. Niet alles is wat het lijkt te zijn.

Om in 2030 de CO2-uitstoot te verminderen en de energietransitie te bevorderen, heeft het Rijk financiële steun aan diverse gemeenten toegekend. In allerlei actieplannen bij diverse gemeenten, in het kader van de besteding van RES-gelden, is opgenomen dat onder voorwaarden vouchers worden uitgegeven aan inwoners. Maar is hier überhaupt sprake van een voucher in de zin van de btw?

De staatssecretaris heeft op 23 augustus 2019 in zijn besluit < klik hier > de definities van vouchers, waardebonnen en zegels nader toegelicht. Een voucher is een instrument dat als tegenprestatie of gedeeltelijke tegenprestatie voor goederenleveringen of diensten kan worden ingewisseld of gebruikt. De te verrichten goederenlevering of dienst, of de identiteit van de potentiële verrichters ervan, staan vermeld op de voucher of in de bijbehorende documentatie (zoals de algemene voorwaarden). Daarnaast staan daar ook de voorwaarden voor het gebruik van de voucher vermeld. Hiermee onderscheidt een voucher zich van een algemeen betaalmiddel.

Bovendien onderscheidt een voucher zich van een waardebon doordat de consument de voucher kan inwisselen of gebruiken zonder dat daarvoor bijbetaling is vereist. Dit is veelal wel het geval bij een waardebon (er vanuit gaande dat men iets aanschaft dat is duurder is dan de geldwaarde van de bon).

Op basis van bovengenoemde definitie van het begrip ‘voucher’ onderkennen wij geen beschikbaarstelling van vouchers bij de uitvoering van de genoemde actieplannen. Wat in gemeenteland gebeurt, is de uitgifte van een gratis waardebon aan de burger. Als de burger de waardebon gebruikt, heeft de leverancier recht op een vergoeding van de gemeente. Het verzilveren van de waardebon is dan ook een transactie die buiten de heffing van de btw blijft. Er wordt immers aan een particulier geleverd (en niet aan de gemeente).

Met inachtneming van het voorgaande, willen wij benadrukken dat het belangrijk is om niet verstrikt te raken in de schijnbare aantrekkelijkheid van de term “voucher” – een term die commercieel gezien wellicht prettig in het gehoor ligt. Hoe verleidelijk het ook klinkt, vanuit het perspectief van de btw is het een document dat de betaling begeleidt en niet de levering of dienst.

 

Wilt u meer weten of mocht u vragen hebben, neem dan contact op met uw EFK-adviseur of stuur een mailbericht naar info@efkbelastingadviseurs.nl of bel naar 072-5350525.