Afval en btw (deel 3)

Afval en btw (deel 3)

Van een lezer kregen wij de navolgende vraag

Wij hebben van de Belastingdienst het verzoek gekregen opvolging te gaan geven aan de brief van 12 november 2019. Van de VNG hebben wij begrepen nog even niets te doen. Daar weet de Belastingdienst niets van. Wat moeten wij nu? Voor het antwoord:

De VNG en de NVRD geven heel expliciet aan nog even te wachten omdat er overleg met het Ministerie van Financiën gaande is. Dit overleg is zeer noodzakelijk omdat met de stelling dat sprake is van een btw-belaste prestatie tevens recht gaat ontstaan op aftrek van btw. De btw zullen de gemeente nu hebben gedeclareerd bij het BTW-compensatiefonds en ook hebben opgenomen in hun tarieven voor de afvalstoffenheffing. Als achteraf blijkt dat de btw aftrekbaar zou zijn, is de btw ten onrechte opgenomen in het tarief. De Gemeentewet staat alleen toe dat  te compenseren btw wordt opgenomen in het tarief. Nog daargelaten of het aan de gemeente te verwijten is dat het tarief (achteraf) bezien te hoog is vastgesteld, een discussie over het tarief wil je gewoon weg niet met je burger gaan voeren.

De gemeenten hebben ook alle reden om de opbrengsten van het ingezamelde afval in de oranje (PMD) Kliko-bak buiten de heffing van btw te laten. Immers, de oranjebak is een verbijzondering van het afval van de grijze bak. Het blijft huishoudelijk afval waarvoor een overheidstaak is toebedeeld aan de gemeenten.

Het Ministerie van Financiën is zelf in het verleden die mening ook toegedaan. Dit mag blijken uit het document Vraag en Antwoord 2002 Invoering BTW-compensatiefonds.

Het ophalen en verwerken van huishoudelijk afval is een taak van gemeenten. Zij zijn wettelijk verplicht periodiek bij hun burgers het huisvuil op te halen. Daar is onlosmakelijk mee verbonden het zich daarvan ontdoen (bijvoorbeeld verwerken) op een wijze die past binnen de relevante wetgeving. Hieruit volgt dat indien een gemeente het huisvuil zelf bij haar burgers ophaalt, zij voor de toepassing van de btw-wetgeving terzake optreedt als overheid. Mitsdien is zij met betrekking tot die activiteit geen btw verschuldigd. Als een gemeente besluit het huisvuil niet (langer) zelf op te halen, maar dat overlaat aan een ander, zijn er verschillende mogelijkheden. Eén van die mogelijkheden is het huisvuil te laten ophalen door een samenwerkingsverband van gemeenten, zoals een gemeenschappelijke regeling.

Indien een gemeenschappelijke regeling het huisvuil ophaalt bij de burgers van de gemeenten die deelnemen in die gemeenschappelijke regeling, moet voor de toepassing van de btw-wetgeving in de eerste plaats worden vastgesteld jegens wie de betrokken gemeenschappelijke regeling presteert. Zijn dat de burgers van die gemeenten of zijn het in feite de in de gemeenschappelijke regeling deelnemende gemeenten?

Ogenschijnlijk verricht de gemeenschappelijke regeling rechtstreeks prestaties jegens de burgers. Juridisch ligt dat echter anders. Ondanks de oprichting van een gemeenschappelijke regeling, blijft immers op de betrokken gemeenten de wettelijke plicht rusten om periodiek het huisvuil bij hun burgers op te halen. Daarin komt geen verandering indien een aantal gemeenten besluiten een gemeenschappelijke regeling in het leven te roepen om de feitelijke handeling van het ophalen en verwerken uit te laten voeren (met de oprichting van een gemeenschappelijke regeling ontstaat er voor die gemeenschappelijke regeling geen wettelijke plicht om huisvuil bij burgers op te halen). De conclusie moet dan ook zijn dat de gemeenschappelijke regeling prestaties verricht jegens de betrokken gemeenten opdat die gemeenten kunnen voldoen aan hun wettelijke plicht jegens hun inwoners. Anders gezegd, de feitelijke uitvoering is wel in handen gelegd van een ander (de gemeenschappelijke regeling), maar de overheidstaak is bij de betrokken gemeenten blijven berusten. De gemeenten blijven het formele aanspreekpunt voor de burger over aangelegenheden op het gebied van het ophalen van huishoudelijk afval.

Wat te doen?

Wij adviseren de gemeenten nog geen facturen uit te reiken aan Stichting Afvalfonds (Verpakkingen), net zoals de VNG dat voorstelt, omdat er voldoende reden aanwezig is om aan te nemen dat de gemeente voor de inzameling en het zich ontdoen van het afval handelt ‘als overheid’ in de zin van de btw, waardoor van heffing van btw geen sprake kan zijn. Dat de Belastingdienst nog van niets weet, ligt waarschijnlijk aan de communicatie tussen het ministerie en de Belastingdienst. Naar verwachting zal binnenkort nieuwe informatie vanuit het Ministerie of de VNG verschijnen met nadere richtlijnen. Het lijkt ons het beste dat een ieder even een pas op de plaats maakt.

Heeft u vragen over de fiscale aspecten van afvalzorg neem dan contact op met uw EFK-adviseur, via info@efkbelastingadviseurs.nl of bel 072 535 0 525.