Reststromen afval (VPB)

Reststromen afval (VPB)

Lang is onzeker geweest of de opbrengsten reststromen afval tot de winst dienen te worden gerekend. Inmiddels zijn daarover afspraken gemaakt.

Al gedurende langere tijd zijn er gesprekken gaande tussen de Koninklijke Vereniging voor Afval- en Reinigingsmanagement (NVRD) en de Belastingdienst over het onderwerp reststromen afval. Partijen hebben hierbij verschil van inzicht over hoe om te gaan met de opbrengsten uit de reststromen afval. Dit verschil van inzicht en de discussies hierover hebben uiteindelijk geleid tot een compromisvoorstel voor de branche. Dit voorstel is op 21 februari 2019 gepubliceerd <klik hier>.

Inhoud voorstel

De voornaamste reden voor dit voorstel is het voorkomen van administratieve rompslomp. Het probleem is ontstaan doordat de Belastingdienst zich op het standpunt heeft gesteld dat de vergoedingen die een gemeente of gemeenschappelijke regeling ontvangt voor de inzameling van reststromen (textiel, plastic, oud ijzer, papier et cetera) niet onder de inzameling van huishoudelijk afval valt, maar een afzonderlijke activiteit vormt. Even los van de vraag of de Belastingdienst hier een terecht standpunt inneemt, ontstaat het praktische probleem dat de opbrengsten wel in beeld zijn, maar dat de kostentoedeling tussen het inzamelen en scheiden (reststromen) niet altijd eenvoudig is. Mogelijk zou dan ook weer een deel van de afvalstoffenheffing zelf aan de scheiding moeten worden toegerekend.

Vanuit een pragmatische benadering is gekozen voor de lijn dat de winst op de activiteit van de scheiding 1% bedraagt van de positieve opbrengsten (dus geen saldobedrag). Dit vaste percentage van 1% wordt verantwoord als fiscale winst. Het percentage is gebaseerd op een benchmarkonderzoek van de NVRD. Belangrijke tegemoetkoming is dat de bijdrage vanuit het afvalverpakkingsfonds verpakkingen (Nedvang) buiten beschouwing mag worden gelaten. Dit laatste punt is opgenomen in vaststellingsovereenkomsten die over dit onderwerp worden aangereikt en kunnen worden afgesloten.

Vervolg

De NVRD heeft nadrukkelijk gemeld dat zij haar principiële bezwaar (reststromen niet afzonderlijk, maar bij inzamelen) niet heeft prijsgegeven. Dit blijft derhalve een punt dat een individuele organisatie (gemeente of samenwerkingsverband) alsnog ter discussie kan stellen.

Gemeenten die via een samenwerkingsverband afval laten inzamelen en hier opbrengsten uit reststromen voor ontvangen hoeven zelf geen actie te ondernemen. De verschuldigde belasting wordt geheven op het niveau van het samenwerkingsverband. Gemeenten die zelf afval inzamelen en de diverse vormen van samenwerkingsverbanden kunnen een vaststellingsovereenkomst met de Belastingdienst hierover afsluiten.

Voor meer informatie kunt u contact met ons opnemen via 072-5350525 of stuur een e-mail naar info@efkbelastingadviseurs.nl.